Het proefschrift beschrijft een onderzoek uitgevoerd in de periode 1989-1991 naar de incidentie van hartritmestoornissen (HRS) in de huisartspraktijk.
Tevens werd gepoogd de voorspellende waarde van patiëntkenmerken, medische voorgeschiedenis en klachten en symptomen voor de diagnostiek van HRS vast te stellen.
Voor atriumfibrilleren werd de voorspellende waarde van bovengenoemde variabelen apart nagegaan.
Twee jaar lang sloten 27 huisartsen in 20 praktijken in Maastricht en directe omgeving in totaal 878 patiënten in, zowel spreekuurbezoekers als patiënten die thuis bezocht werden.
In geen van de vijf hoofdstukken die de analyses van de onderzoeksgegevens bevatten, beschrijft Zwietering of alle in aanmerking komende patiënten ook…
lees volledige artikel »