Wantrouwend kijkt ze me aan als ik haar naar de psycholoog wil sturen voor pijn.
‘Je vindt het toch niet psychisch? Jij ook al! Iedereen denkt dat ik me aanstel.
Ik heb echt veel hoofdpijn, misselijkheid, nekpijn, sinds die val van de trap.
Toch moest ik weer gaan werken van de bedrijfsarts.
De teamleider gelooft me ook al niet.
Schreeuwende ruzie hebben we gehad.’
Ze wordt steeds bozer.
Dit is geen fijne start van een consult.
Eerst geef ik haar gelijk.
Het is beroerd dat ze geen begrip ontvangt voor haar klachten.
Dan schakel ik door.
‘Hoe gaan we het…
lees volledige artikel »