homeOnderwijs
Huisarts en Wetenschap, jaargang 2005, nummer 5:0-0
In een nieuwe rubriek ‘Haio's doen verslag’ geeft In de praktijk de komende tijd ruimte aan haio's die willen berichten over hun onderzoek of de verbeteringsprojecten die zij in hun stagepraktijken hebben uitgevoerd. De artikelen worden wel geredigeerd, maar de inhoud ervan blijft geheel het gedachtegoed van de auteur. Soms heeft een verbeteringsproject niet (meteen) het beoogde doel bereikt, maar kan toch de opzet en uitvoering goed zijn geweest. Ook dan kan hiervan verslag gedaan worden in deze serie.
Gevraagd naar de tevredenheid over het voorschrijfgedrag in praktijk Y geven de assistentes hiervoor gemiddeld een 6 en de artsen een 5 op een tienpuntsschaal. Als grootste knelpunt bij de vermindering van de slaapmedicatie zien de praktijkmedewerkers de vermoedelijke weerstand van – met name chronische – gebruikers. Toch wil de praktijk graag de voorschrijfcijfers verlagen. Er worden protocollen opgesteld voor de artsen en assistentes, opgesplitst in aanvragen voor eerste uitgiftes en voor herhalingsrecepten. De protocollen richten zich op het verhogen van het inzicht van patiënten in nadelen, nut en noodzaak van slaapmiddelen, en op motivatie tot verminderen of stoppen van het gebruik. De assistentes verwijzen – net als vroeger – aanvragen voor eerste uitgiftes door naar de huisartsen. Bij herhalingsreceptuur geven de assistentes aan dat in het belang van de patiënten kritisch wordt gekeken naar hun medicatie, en ze nodigen vervolgens de patiënt uit om hierover met de huisarts te spreken. Als de patiënt dat niet wil, dan stellen de assistentes nog enkele aanvullende vragen.
Geef aan dat de praktijk in het belang van de patiënt kritisch kijkt naar de medicijnen die mensen gebruiken, en dan met name de slaapmedicatie. Vraag de patiënt of deze geïnteresseerd is om hierover met de huisarts te praten. Als de patiënt geen afspraak wil maken voor het spreekuur, stel dan de volgende vragen (‘omdat het voor de huisarts van belang is te weten waarom mensen hun medicijnen nodig hebben’) :
Patiënten die op het spreekuur komen, krijgen vijf vragen voorgelegd. Op basis van de antwoorden wordt de onderliggende oorzaak van de slaapproblemen aangepakt, en krijgt de patiënt informatie en slaaptips. Ook wordt meteen een afbouwschema opgesteld, of krijgt de patiënt maximaal tien tabletten waarbij herhalingen alleen via het spreekuur kunnen worden verkregen. Alle praktijkmedewerkers noteren naam, geboortedatum, wel of niet stoppen en waarom (niet) op aparte lijsten. Deze worden tweewekelijks verwerkt in het HIS, waarbij herhalingsaanvragen worden geblokkeerd en er in de problemenlijst een aantekening komt als patiënten zijn aangesproken, zodat dit niet dubbel gebeurt.
Nieuwe voorschriften:
Chronische gebruikers:
Een maand later staan er acht namen op de lijst. Een tweede enquête naar de tevredenheid over het voorschrijfbeleid volgt. Het grootste knelpunt ligt bij de assistentes: die moeten tussen 8 en 10 uur 's morgens afspraken maken, recepten uitschrijven en telefonisch uitslagen bespreken. Ze hebben daarom simpelweg niet genoeg tijd om de vragenlijst in z'n geheel door te nemen, mede omdat de antwoorden van de patiënten meer tijd vergen dan verwacht. Het protocol kan echter niet worden gewijzigd, vanwege de onmogelijkheid de werkzaamheden en werktijden te veranderen.
Als de praktijk drie maanden volgens de protocollen heeft gewerkt, vraagt zij de apotheker om het aantal voorschriften in die periode te vergelijken met de cijfers van het jaar daarvoor. Het totaalaantal voorschriften was slechts met 2 procent afgenomen. Maar het aantal tabletten per eerste voorschrift daalde van 27,7 naar 21,6. Bovendien nam het percentage recepten dat na eerste uitgave werd gecontinueerd af met 81 procent: van 39,3 procent in 2003 naar 7,4 procent in 2004.
Het aanvankelijke doel, een verlaging van het totaalaantal uitgeschreven recepten met 25 procent, is in dit verbeteringsproject dus niet gehaald. Toch is wel duidelijk een verbetering zichtbaar, en dan met name in de daling van toekomstige chronische gebruikers van slaapmiddelen.