Nieuws

Achterstandswijken zijn impopulair bij huisartsen

Gepubliceerd
19 oktober 2009

Inleiding

Huisartsenpraktijken in grote steden zijn veeleisend, met name in achterstandswijken. De patiëntenpopulatie is divers en de hulpvraag is vaak complex. Het is de vraag of er voldoende huisartsen bereid zijn in een dergelijke praktijk te werken. De jaarlijkse NIVEL-enquête onder pas afgestudeerde huisartsen geeft daarop deels een antwoord.

Aantal ‘praktijkzoekers’

Op 1 januari 2008 waren er naar schatting minimaal 480 pas afgestudeerde huisartsen op zoek naar een eigen praktijk of baan als hidha. Circa 69% van hen is vrouw. Het grootste deel van deze groep werkt als waarnemer (63%) of als hidha (27%) en 10% werkt niet als huisarts. Het merendeel (63%) van de pas afgestudeerden zoekt een eigen praktijk, bij voorkeur een groepspraktijk (54%) of duopraktijk (37%). Driekwart van hen wil een parttime baan. Dat geldt vaker voor vrouwen (89%) dan voor mannen (54%).

Niet naar de grote stad

Dertien procent van de praktijkzoekende huisartsen zegt geen voorkeur te hebben voor het type gemeente waar ze willen werken. Van degenen die wel een voorkeur hebben, willen de meesten het liefst op het verstedelijkte platteland werken (figuur 1). Dat geldt meer voor vrouwen (47%) dan voor mannen (41%). Relatief weinig huisartsen geven de voorkeur aan een grote stad. Het platteland is evenmin favoriet en dat geldt iets meer voor vrouwen dan voor mannen.

Achterstandswijk

Een groot deel van de praktijkzoekende huisartsen (40%) wil niet in een achterstandswijk werken (figuur 2). Circa 29% wil dat wel en 30% heeft geen mening. Daarbij zijn er nauwelijks verschillen tussen vrouwen en mannen. Wel zijn er verschillen tussen de afgestudeerden van de 8 huisartsenopleidingen. Van de huisartsen die in Amsterdam hun huisartsenopleiding hebben voltooid, is een veel groter deel bereid in een achterstandswijk te werken (40%) dan in Leiden (18%). Ook de afgestudeerden uit Utrecht, Groningen en Nijmegen scoren laag op dit punt.

Conclusie

De meeste praktijkzoekende huisartsen willen als parttimer in een groepspraktijk werken, bij voorkeur op het verstedelijkte platteland. De grote steden blijken minder aantrekkingskracht te hebben, maar dat geldt ook – zij het in mindere mate – voor het platteland. De geringe populariteit van de grote steden zou kunnen samenhangen met de problematiek in de achterstandswijken. Bijna 40% van de pas afgestudeerde huisartsen is niet bereid in een achterstandswijk te werken. Opvallend is het verschil tussen afgestudeerden uit de grote steden Rotterdam en Utrecht enerzijds en Amsterdam anderzijds. Afgestudeerden uit Amsterdam willen vaker in een achterstandswijk werken dan hun collega’s uit de andere grote steden. Verder valt op dat de meeste afgestudeerden uit Leiden, een stad met een gering aantal achterstandswijken, niet bereid zijn in zo’n wijk aan de slag te gaan. ‘Onbekend maakt onbemind?’

De gegevens zijn afkomstig uit de huisartsenregistratie zoals het NIVEL deze sinds 1970 bijhoudt in opdracht van het ministerie van VWS. Met behulp van bestandsvergelijkingen en regelmatig uitgezette schriftelijke vragenlijsten onder werkzame en net afgestudeerde huisartsen zijn cijfers beschikbaar over onder andere de wensen van praktijkzoekende huisartsen. Voor meer informatie, zie www.nivel.nl.

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen