Nieuws

Behandeling van vaginale atrofie

0 reacties
Gepubliceerd
31 juli 2013
Vraagstelling Vrouwen in de menopauze zijn nogal eens seksueel minder actief. Postmenopauzale vrouwen hebben vaak last van seksuele klachten die van invloed zijn op hun kwaliteit van leven. De menopauze zorgt voor nogal wat veranderingen op sociaal, psychologisch en lichamelijk gebied. De prevalentie van seksuele klachten neemt toe met de leeftijd. Driekwart van de vrouwen boven de 60 jaar geeft aan dat ze niet meer seksueel actief zijn en moeite hebben met gemeenschap of dyspareunia hebben als gevolg van vulvovaginale atrofie. Deze aandoening ontstaat door daling van oestrogenen met meer dan 90%. Klinisch is er een mogelijkheid om (vaginale) oestrogeenpreparaten voor te schrijven. In een lage dosis zijn oestrogenen effectief bij dyspareunieklachten. Er zijn echter ook niet-hormonale behandelingen mogelijk, zoals glijmiddelen (onder andere KY-Jelly®) die alleen bij gemeenschap gebruikt worden en vaginale bevochtigingsmiddelen (onder andere Replens®) die gedurende langere tijd gebruikt moeten worden.1 De vraag is of deze middelen ook effectief zijn om de seksuele klachten te verminderen die zijn ontstaan door vaginale atrofie. En in hoeverre is de effectiviteit vergelijkbaar is met lokale oestrogenen?
Zoekstructuur In PubMed en de Cochrane Library zochten we met de termen ‘lubricants’, ‘estrogens’, ‘dyspareunie’, ‘postmenopause’, ‘atrophy’ en ‘moisturizers’. Om onze vraag te beantwoorden gebruiken we een recente systematische review over de effectiviteit van niet-hormonale lokale behandeling.2
Resultaten Sinha et al. verrichtten een systematische review met de zoektermen ‘vaginal moisturizers’ en ‘vaginal lubricants’. Zij vonden tien artikelen waarin het gebruik van vaginale bevochtigers werd beoordeeld bij klachten ontstaan door vaginale atrofie (zoals dyspareunie). In vier artikelen werden bevochtigers vergeleken met lokale oestrogenen. Hieruit bleek dat zowel bevochtigers als oestrogenen significant effectiever zijn om de seksuele klachten ontstaan door vaginale atrofie te verminderen. Oestrogenen scoorden echter significant beter in drie onderzoeken. Gepoolde resultaten konden niet gepresenteerd worden. Van de tien artikelen gingen er zeven over glijmiddelen. Alle middelen, gebruikt tijdens seksuele gemeenschap, verminderden tijdelijk klachten als vaginale droogheid en dyspareunie. De onderzoekers vonden geen gecontroleerd onderzoek over dit onderwerp.
In deze review benadrukken de auteurs overigens dat regelmatige seksuele activiteit ook belangrijk is voor het behouden van een goede vaginale gezondheid.
Conclusie Vaginale bevochtigers zijn effectief om klachten ontstaan door vaginale atrofie te verminderen, zoals vaginale droogheid en dyspareunie. Lokale oestrogenen zijn echter effectiever. Glijmiddelen hebben slechts een tijdelijke effect op de klachten.
Betekenis Dyspareunie en vaginale droogheid door vaginale atrofie kunnen effectief behandeld worden met vaginale bevochtigingsmiddelen. De middelen moeten twee tot drie keer per week aangebracht worden, gedurende twaalf weken. Bij vrouwen die geen hormonen willen of mogen gebruiken (bijvoorbeeld na mammacarcinoom) zijn vaginale bevochtigingsmiddelen zeker eerste keus. De keuze van de middelen is beperkt. Replens® wordt het meest gebruikt en is verkrijgbaar in Nederland.
CATS, critically appraised topics, proberen een evidence-based antwoord op een praktijkvraag te krijgen. De coördinatie van deze rubriek is in handen van dr. A. Knuistingh Neven en dr. J.A.H. Eekhof, LUMC Leiden. Correspondentie: A.Knuistingh_Neven@lumc.nl

Literatuur

  • 1.Tan O, Bradshaw K, Carr BR. Management of vulvovaginal atrophy-related sexual dysfunction in postmenopausal women: an up-to-date review. Menopause 2012;19:109-17.
  • 2.Sinha A, Ewies AAA. Non-hormonal topical treatment of vulvovaginal atrophy: an up-to-date overview. Climacteric 2013;16:305-12.

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen