Nieuws

De waarde van losartan (2)

Door
Gepubliceerd
10 januari 2003

Zowel in het augustusnummer (H&W 2002;45:455) als in het oktobernummer (H&W 2002;45:625-626) wordt commentaar geleverd op het LIFE-onderzoek en de veronderstelde beperkte winst bij het gebruik van losartan. Wat mij opviel, was dat totaal werd voorbijgegaan aan de resultaten die in het LIFE-onderzoek bij mensen met diabetes mellitus, hypertensie en linkerventrikel-hypertrofie (LVH) zijn gevonden.1 LVH komt bij diabetes mellitus type 2 voor bij 32 tot 81% van de onderzochten (uitkomst mede afhankelijk van verdere comorbiditeit), en zelfs onafhankelijk van een verhoogde bloeddruk.234 Mortaliteit is het belangrijkste eindpunt in het LIFE-onderzoek. Na 4,7 jaar was in de losartangroep de mortaliteit door cardiovasculaire aandoeningen 6% en in de atenololgroep 10%. De totale mortaliteit was 11% bij de losartangebruikers en 17% bij de atenololgroep. In absolute cijfers betekent dit, dat 25 respectievelijk 17 mensen 4,7 jaar moeten worden behandeld om één dode te voorkómen. Dit weer terugrekenend naar cijfers per jaar: 118 mensen één jaar behandelen om één CV-dode te voorkómen, en 78 mensen één jaar behandelen om één dode in zijn algemeenheid te voorkómen. Dit zou -theoretisch – in Nederland zo'n 2000 doden per jaar kunnen schelen. Hoewel ik mij realiseer dat de dood niet tot in het oneindige kan worden uitgesteld, betekent dit toch dat gebruik van losartan binnen een termijn van bijna vijf jaar de mortaliteit evident vermindert in vergelijking met een andere, op zich ook zeer doeltreffende behandeling (bètablokkade). Het is uiteraard jammer dat de vergelijking niet is aangegaan met een ACE-remmer. Maar het bewijs van effectiviteit ligt er en kan in mijn ogen niet veronachtzaamd worden.

Mogelijke belangenverstrengeling: HB heeft onderzoekssubsidies ontvangen van MSD en voor dit bedrijf ook presentaties, spreekbeurten en nascholingen verzorgd.

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen