Nieuws

Euthanasie en hulp bij zelfdoding

Door
Gepubliceerd
10 juli 2002

In de serie Recht der Werkelijkheid is een bundel verschenen met een aantal opmerkelijke artikelen over euthanasie en hulp bij zelfdoding. Deels zijn ze een voorstudie voor het officiële rapport dat door minister Borst is toegezegd aan de Commissie voor de Rechten van de Mens. Deze commissie wilde naar aanleiding van de nieuwe Nederlandse euthanasiewet duidelijkheid over de termen vrijwillig en weloverwogen verzoek, ondraaglijk lijden, uitzichtloosheid en over het Nederlandse controlesysteem. Tevens zijn de artikelen de neerslag van nieuwe onderzoeken naar de voortgaande ontwikkelingen rond het levenseinde, zowel in Nederland als in enkele andere landen. De Nederlandse situatie wordt vooral verduidelijkt via een vergelijkingsperspectief. Zowel in België als in Australië zijn op dit moment al voldoende gegevens die een vergelijking mogelijk maken. De bundel begint met schetsen van ontwikkelingen in regelgeving (inclusief controlemaatregelen) over actief levensbeëindigend handelen in Nederland, België en de Verenigde Staten. Zoals bekend is de recent aangenomen euthanasiewet in Nederland een (voorlopig) eindpunt van die ontwikkeling. België heeft recent een betrekkelijk vergaande euthanasiewet aangenomen, terwijl in de Verenigde Staten momenteel nauwelijks sprake is van enig debat en er slechts escalatie van standpunten te verwachten is. Het tweede deel gaat over de regulering van handelingen rond het levenseinde. Aan bod komen de status van wilsverklaringen in een uitgebreide internationale vergelijking, (de angst voor) het hellend vlak, de Nederlandse publieke opinie over euthanasie en een notitie over een vergelijkend onderzoek in zes Europese landen naar beslissingen rond het levenseinde analoog aan de onderzoeken in Nederland in de jaren 1990 en 1995. In het volgende deel komt de effectiviteit van controlemaatregelen op de dagelijkse praktijk aan de orde. Ook hier weer leidt een vergelijking tot duidelijke conclusies. Zo wordt gesteld dat een permissief beleid dat gesteund wordt door de medische beroepsgroep (zoals in Nederland) eerder leidt tot effectieve controle en duidelijkheid en minder tot misbruik dan een restrictief beleid; daar zijn de rechten van patiënten paradoxalerwijs minder goed beschermd. In een ander artikel wordt verdedigd dat de meldingsbereidheid van artsen bij wisselend beleid en wijzigende controlevormen afneemt. Een pleidooi dus voor consistent beleid. Griffiths besluit het boek met een reflectie over het unieke van de Nederlandse situatie en het probleem van de exporteerbaarheid van het Nederlandse model. Uniek is de grote participatie van de medische beroepsgroep bij het legaliseringsproces, met name de formulering en het propageren van de zorgvuldigheidseisen. Recht der Werkelijkheid is een tijdschrift voor de sociaal-wetenschappelijke bestudering van het recht. Dat houdt in dit geval in dat alleen (ontwikkelingen tot) beleid en controle aan de orde komen. Het valt mij als praktiserend arts dan ook op dat uitvoerders (artsen) en de belangrijkste betrokkenen, namelijk patiënten en hun relevante naasten, niet aan het woord komen. Helaas, het zou deze belangrijke bundel nog interessanter hebben gemaakt.

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen