Nieuws

Groeiende jeugd

0 reacties
Gepubliceerd
10 april 2002

In dit boek worden de resultaten beschreven van het Amsterdamse Groei- en Gezondheidsonderzoek (AGGO): een groep jongens en meisjes werd vanaf het begin van de middelbare school tot en met hun 27ste jaar gevolgd met als doel hun groei, ontwikkeling, en gezondheid in kaart te brengen. Dit gebeurde onder andere door het meten van lichaamslengte, gewicht, percentage lichaamsvet, bloeddruk, cholesterolconcentratie, spierkracht, lenigheid en uithoudingsvermogen. Daarnaast werden ook psychosociale kenmerken zoals stress en persoonlijkheidstrekken en leefgewoonten zoals eet-, drink-, rook- en bewegingsgedrag vastgelegd. Tijdens de tienerperiode werden in vier opeenvolgende jaren metingen verricht bij 233 deelnemers, allen leerlingen van een HAVO/VWO-school in Amsterdam. De metingen werden herhaald in het 21ste en 27ste levensjaar bij de 200 overgebleven deelnemers. Het boek geeft een interessant overzicht van een aantal indicatoren van gezondheid bij een groep tieners, en de veranderingen die hierin plaatsvinden als zij volwassen worden. Het meest in het oog springend zijn de resultaten met betrekking tot risicogedrag en -factoren voor hart- en vaatziekten. De voeding van de deelnemers bevatte over de gehele periode van het onderzoek gemiddeld te weinig koolhydraten en te veel vet. De gemiddelde hoeveelheid lichaamsbeweging van de deelnemers daalde gestaag tijdens de gehele onderzoeksperiode. Op 27-jarige leeftijd hadden verschillende deelnemers al een meetbaar verhoogd risico op hart- en vaatziekten. Zo was 18% van de deelnemende mannen en 10% van de vrouwen te zwaar (Quetelet-index >25). Ook had 12% van de mannen en 11% van de vrouwen op die leeftijd een te hoge diastolische bloeddruk (>95 mmHg). Daarnaast had 11% van de mannen en 14% van de vrouwen een verhoogd totaal cholesterol (>6,2 mmol/l). Behalve het presenteren van deze dwarsdoorsnededata hebben de onderzoekers ook getracht verbanden aan te tonen tussen gedrag op tienerleeftijd en ‘gezondheid van hart en vaten’ op 27-jarige leeftijd (uitgedrukt in de risicofactoren: bloeddruk, cholesterol en percentage lichaamsvet). Zo werd een verband gevonden tussen een beter prestatievermogen op tienerleeftijd en een goede ‘gezondheid van hart en vaten’. Mannen met een hogere alcoholconsumptie als tiener hadden later een hoger percentage lichaamsvet. Er werd geen significant verband gevonden tussen het voedingspatroon in de tienerjaren en ‘gezondheid van hart en vaten’ op 27-jarige leeftijd. De deelnemers aan dit onderzoek waren bij de start allen HAVO/VWO-leerlingen. Dit beperkt de generaliseerbaarheid van de resultaten naar de gehele Nederlandse bevolking. Tegelijkertijd zorgt de grootte en de homogene samenstelling van de onderzochte groep ervoor dat de kans klein wordt om significante verbanden tussen gedrag op de tienerleeftijd en ‘gezondheid van hart en vaten’ op 27-jarige leeftijd aan te tonen. Desondanks levert dit onderzoek een belangrijke bijdrage aan de kennis over gedrag en gezondheid bij jongeren. Het boek is geschreven voor professionals werkzaam in de gezondheidszorg. Wellicht moeten we in onze spreekkamers preventieve inspanningen met betrekking tot hart- en vaatziekten – die zich tot nu toe vooral concentreren op patiënten vanaf middelbare leeftijd – uitbreiden naar tieners en jongeren.

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen