Nieuws

Interventies bij jongeren om te stoppen met roken

Gepubliceerd
10 april 2007

Achtergrond De meeste antirokenprogramma’s richten zich op maatregelen om roken te voorkomen bij jongeren terwijl een minderheid gericht is op het behandelen van jongeren die willen stoppen. Doel Beoordelen van de werkzaamheid van stoppen-met-rokeninterventies bij jongeren. Zoekstrategie Gezocht werd in de algemene Cochrane-registers van gecontroleerde onderzoeken, het ziektespecifieke Cochrane-register en in verschillende medische databases als MEDLINE en EMBASE. Dit werd aangevuld met de sneeuwbalmethode. Inclusiecriteria en uitkomstmaten Het moest gaan om (gerandomiseerde) gecontroleerde onderzoeken met als deelnemers regelmatige tabaksrokers jonger dan 20 jaar. De interventies konden variëren van enkelvoudige (farmacotherapie) tot complexe interventies gericht op gezinnen of scholen. De primaire uitkomstmaat was de rookstatus van de rokers na 6 maanden. De definitie van abstinentie in de verschillende onderzoeken varieerde, maar betrof veelal 7 dagen puntprevalentie. Biochemisch gevalideerde abstinentie had de voorkeur indien beschikbaar. De twee auteurs beoordeelden onafhankelijk van elkaar in hoeverre de onderzoeken voldeden aan de inclusiecriteria en de kans op bias. Resultaat Vijftien onderzoeken (3605 jongeren) werden geïncludeerd. Drie onderzoeken testten een theoretisch model van stadia van gedragsverandering (transtheoretisch model, TTM), twee onderzoeken gebruikten farmacologische hulpmiddelen (nicotinevervangers, bupropion) terwijl de overige onderzoeken verschillende psychosociale interventies testten. De TTM-onderzoeken (n = 1537) hadden een matig langetermijneffect (gepoolde odds ratio (OR) na 1 jaar 1,7; 95%-BI 1,2-2,3). Beide farmacologische onderzoeken (n = 331) bereikten geen statistisch significant effect, mogelijk door onvoldoende power. De vijf gedragstherapeutische onderzoeken bereikten afzonderlijk geen statistisch significant resultaat terwijl het gepoolde resultaat van drie ‘Not on Tobacco’-onderzoeken, gebaseerd op de sociaal-cognitieve theorie, (n = 673) wel een effect te zien gaf (OR 1,9; 95%-BI 1,0-3,5). Drie onderzoeken die motivatieverhogende gesprekken toepasten als onderdeel van een pakket interventies bereikten een gepoolde OR van 2,0 (95%-BI 1,1-3,8), maar het afzonderlijke effect van deze interventie was niet te bepalen. Kwaliteit en zeggingskracht De selectie van de literatuur en beschrijving daarvan zijn gedaan volgens de bekende Cochrane-methode.
Belangrijke beperkingen zijn het feit dat slechts in 7 van de 15 onderzoeken abstinentie biochemisch gevalideerd werd en de meest gebruikte maat voor abstinentie een periode van slechts 7 dagen abstinentie was. Daarnaast vonden vrijwel alle onderzoeken plaats in de VS en werd het merendeel van de deelnemers gerekruteerd buiten de gezondheidszorg (scholen, gezinnen).

Commentaar

De prevalentie van roken bij jongeren in Nederland is ongeveer 23% (www.stivoro.nl). Bekend is dat personen die niet roken voor de leeftijd van 20 jaar, minder geneigd zijn om daarna met roken te starten. Ontmoedigen van roken en stoppen-met-rokeninterventies bij jongeren zijn daarom zeker relevant. De review levert bescheiden bewijs voor de werkzaamheid van psychosociale interventies – buiten de gezondheidszorg – maar op grond van de review kan geen voorkeur uitgesproken worden voor een afzonderlijke interventie. De review levert geen ondersteuning voor een stoppen-met-rokenaanpak die aansluit bij de gebruikelijke stoppen-met-rokeninterventies in de Nederlandse huisartsenpraktijk zoals een kort stopadvies en korte motivatieverhogende of ondersteunende interventies. De besproken onderzoeken zijn ook niet in de huisartsenpraktijk verricht. In tegenstelling tot de aanbevelingen voor volwassen rokers kan farmacologische ondersteuning in ieder geval niet aanbevolen worden omdat er geen bewijs is voor hun werkzaamheid bij jongeren. Het is ook zeer de vraag of de huisartsenpraktijk wel de geëigende plek is voor stoppen-met-rokeninterventies bij jongeren gezien de lage contactfrequentie. Een krachtig ontmoedigingsbeleid gericht op de algemene bevolking zoals een rookverbod in horecagelegenheden lijkt een zinvoller aanpak.

Roeland Geijer

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen