Praktijk

Jeukende bultjes na een boswandeling

Gepubliceerd
5 september 2013

Casus

Een 7-jarige jongen komt op een maandagmorgen bij de huisarts omdat hij sinds de vorige avond heftig jeukende bultjes heeft, voornamelijk in zijn gezicht en nek en op zijn handen. Het is medio oktober en hij heeft de dag daarvoor met zijn ouders en oma een boswandeling gemaakt, waarbij hij uitgebreid met en in de afgevallen bladeren heeft gespeeld. Zijn ouders hebben geen klachten, maar oma heeft ook enkele vergelijkbare jeukende bultjes op haar polsen. Oma is tijdens de wandeling gestruikeld en heeft zich met haar handen op de bosgrond opgevangen. Bij onderzoek ziet de huisarts rode papels in het gezicht, in de nek, op de handen, polsen en onderbenen met ook enkele papels op de romp ter hoogte van de broekband. Rondom de ogen is wat oedeem en in de nek zijn er krabeffecten. Bij vermoeden van uitgebreide insectenbeten schrijft de huisarts symptomatisch een antihistaminicum en hydrocortisonacetaatcrème voor. Bij telefonische controle twee dagen later zijn de klachten sterk verminderd.

Beschouwing

Jeukende huiduitslag na verblijf in de natuur in de nazomer past bij beten van de oogstmijt, de neotrombicula autumnalis. Deze uitslag wordt trombidiose of trombiculiasis genoemd. De oogstmijt komt vooral voor op de bodem van klei- en lössgebieden, met name in het oosten van Nederland, en ziet eruit als een klein rood spinnetje. Volwassen mijten zijn onschadelijk voor mensen, maar larven van de oogstmijt leven parasitair op dieren of mensen. Deze larven zijn slechts 0,2 tot 0,3 mm groot en leven van half juli tot half oktober met een piek in september. Ze bijten zich vast in de huid waarna ze enzymen inspuiten om huidweefsel te verteren en zich te kunnen voeden. Dit brengt 6 tot 12 uur na contact een huidreactie bij de gastheer te weeg die zich uit als hevig jeukende erythemateuze papels, één tot enkele millimeters in doorsnee, met name op plaatsen waar de kleding nauw aan de huid sluit zoals broekbanden, sokken en manchetten. De klachten zijn self-limiting en verdwijnen spontaan na vier tot zeven dagen. De jeuk kan echter heftig zijn, en symptomatische behandeling met mentholgel en corticosteroïdcreme of systemische behandeling met orale antihistaminica is beschreven. Er is geen onderzoek gedaan naar de effectiefste behandeling. Beten kunnen worden voorkomen door het dragen van beschermende kleding en door de polsen, enkels en nek in te smeren met insectenwerende crème die DEET bevat.
In de beschreven casus was de huidreactie zeer sterk doordat de jongen uitbundig in de herfstbladeren had gespeeld. Dit verklaart ook waarom de papels zich niet hadden beperkt tot de voorkeursplaatsen. Veel mensen zullen niet naar de huisarts gaan als ze een paar jeukende bultjes hebben na een boswandeling, en huisartsen zullen bij jeukende papels misschien niet direct aan de oogstmijt denken. Bij een uitgebreidere presentatie is het goed te weten dat larven van de oogstmijt deze hinderlijke maar onschuldige klachten geven. 

Literatuur

  • 1.Guarneri F, Puliese A, Giudice E, Guarneri E, Gianetto S, Guarneri B. Trombiculiasis: clinical contribution. Eur J Dermatol 2005;15:495-6.
  • 2.Hoefnagel JGM. Plaaggeest in het park: huidklachten door oogstmijt. Infectieziekten Bulletin 2010;21:6-7.
  • 3.Kuyvenhoven JV, Duijm F. Trombidiose, een prurigo-epidemie door mijten. Ned Tijdschr Geneesk 1990;134:2351-3.

Reacties

Er zijn nog geen reacties.

Verder lezen