Nieuws

Jongetjes hoesten en proesten meer in de wieg

Gepubliceerd
10 juli 2004

Man-vrouwverschillen in gezondheid treden direct al op in het eerste levensjaar. Maar zijn het op latere leeftijd vrouwen die meer zorg vragen (en krijgen), bij de nuljarigen zijn het de jongetjes. Het zijn vooral luchtwegproblemen waar jongetjes in het eerste levensjaar mee tobben. Jongetjes krijgen ook meer geneesmiddelen voorgeschreven, vooral voor luchtwegklachten.

Jongetjes hebben vaker luchtwegklachten

Tachtig procent van de baby's komt in het eerste levensjaar een keer bij de huisarts. Hierin verschillen de jongetjes niet van de meisjes. Huidproblemen, spijsverteringsklachten en aandoeningen uit het hoofdstuk ‘algemeen’ komen veel voor. Maar bijna de helft van alle baby's die de huisarts ziet, heeft luchtwegklachten en jongens weer vaker dan meisjes ( figuur). Deze verschillen zijn er niet voor de andere aandoeningen. Jongetjes komen vooral vaker dan meisjes voor hoesten (R05), acute bronchitis/bronchiolitis (R78) en astma (R96) ( tabel 1). Acute infecties van de bovenste luchtwegen (R74) komen het meeste voor. Daarin verschillen jongetjes en meisjes overigens niet.

….. en zij krijgen vaker iets voorgeschreven

Huisartsen schrijven voor jongetjes meer recepten uit dan voor meisjes in hun eerste levensjaar: 2,6 tegenover 2,2. Bijna een derde krijgt een middel tegen luchtwegklachten, jongetjes vaker dan meisjes ( figuur). Voor de andere aandoeningen zijn er geen verschillen in voorschrijfgedrag voor jongens en meisjes. Het meest voorgeschreven middel aan kinderen met luchtwegklachten is amoxicilline ( tabel 2). Ruim een derde van alle nuljarigen die met luchtwegklachten bij de huisarts komen, krijgt dit in het eerste levensjaar een keer voorgeschreven, met name voor acute bronchitis, acute infectie bovenste luchtwegen en de luchtweggerelateerde klacht otitis media acuta. Huisartsen schrijven alle in tabel 2 genoemde middelen (op de decongestiva na) vaker voor aan jongetjes dan aan meisjes met luchtwegklachten. De verschillen zijn niet groot, maar wel consistent. De verschillen blijken ook nauwelijks te herleiden tot een specifieke diagnose. Huisartsen lijken eenvoudigweg eerder geneigd een recept uit te schrijven voor jongetjes met luchtwegklachten dan voor meisjes, ongeacht de aard van hun luchtwegklachten. Overigens weten we niets over de ernst van de klachten. Het is goed mogelijk dat jongetjes ernstiger klachten hebben.

Tabel2Percentage nuljarigen met luchtwegklachten die dit middel minstens eenmaal krijgen voorgeschreven in eerste levensjaar (2001-20
??
n=934n=791
Bètalactamantibiotica (J01C), penicillinen, waaronder amoxicilline3831*
Inhalatiemiddelen: sympathicomimetica (R03A) waaronder salbutamol2618*
Inhalatiemiddelen: glucocorticoïden (R03B) waaronder fluticason, beclometason, ipratropiumbromide1511*
Decongestiva (R01A) met name xylometazoline810*
Macroliden (J01F) waaronder erytromycine, claritromycine85*
* Verschilt significant tussen jongens en meisjes.

De hier beschreven analyses zijn uitgevoerd op LINH-gegevens (2001 en 2002). LINH is een project van NIVEL, WOK, LHV en NHG. In 2001 en 2002 participeerden respectievelijk 120 en 96 huisartsenpraktijken. Voor meer informatie over LINH en over de hier beschreven gegevens kunt u terecht op de website (www.linh.nl). Reacties naar info@linh.nl.

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen