Praktijk

Kennistoets Risicovol medicijngebruik

Gepubliceerd
6 december 2017
Test uw kennis over de risico's van medicijngebruik.
0 reacties

1. De onderzoeken van Oosterlee en Van Rhenen gaan over het terugdringen van onnodig en risicovol medicijngebruik. Waarom mogen de resultaten van beide onderzoeken niet geëxtrapoleerd worden naar de gehele populatie?

a. Het betreft kleinschalige onderzoeken.

b. De onderzoekspopulaties zijn niet representatief voor de algehele populatie.

c. De onderzoeksresultaten zijn beïnvloed door bias.

 

2. Oosterlee schreef alle pilgebruiksters (ouder dan 35 jaar) uit haar HAGRO aan met de vraag of zij rookten. Tachtig vrouwen (19%) antwoordden daarop positief. Het doel van het project was de ongewenste combinatie roken en pilgebruik tot nul te reduceren. Welk deel van de rokende pilgebruiksters stopte uiteindelijk met de ongewenste combinatie?

a. < 1/3 deel.

b. 1/3 deel.

c. 2/3 deel.

 

3. Na een farmacotherapeutisch overleg over het terugdringen van chronisch gebruik van protonpompremmers bekijken de aios en de huisarts de lijst met patiënten bij wie sprake is van chronisch gebruik. Bij welke groep patiënten is levenslang gebruik geïndiceerd?

a. (Doorgemaakte) ernstige oesofagitis.

b. (Doorgemaakte) ulcus duodeni.

c. (Doorgemaakte) ulcus ventriculi.

 

4. De huisarts adviseert de 44-jarige heer Van der Zandt om omeprazol af te bouwen. De heer Van der Zandt startte omeprazol, omdat andere zuurremming niet hielp tegen zijn maagklachten. De huisarts wijst hem op de nadelen van langdurig omeprazolgebruik: een hogere kans op darm- en longinfecties en een verhoogd fractuurrisico. De huisarts legt uit dat uit recent onderzoek nog een ander nadelig effect van langdurig gebruik naar voren komt. Welk nadelig effect is dit?

a. Gestoorde glucosetolerantie.

b. Hartritmestoornissen.

c. Ontregeling van de schildklier.

d. Verslechtering van de nierfunctie.

 

5. Het risico op trombose is voor een gezonde vrouw laag. Gebruik van de combinatiepil verhoogt het risico op trombose twee tot drie keer. Het type progestageen in de combinatiepil bepaalt mede het tromboserisico. Het risico op trombose is bij de derdegeneratiepil bijna twee keer zo hoog als bij de tweedegeneratiepil. In welke orde van grootte ligt het risico op trombose bij pilgebruiksters gemiddeld?

a. 3,6 gevallen per 1000 vrouwen per jaar.

b. 3,6 gevallen per 10.000 vrouwen per jaar.

c. 3,6 gevallen per 100.00 vrouwen per jaar.

 

6. Herseninfarcten komen op bijna alle leeftijden vaker bij mannen voor. Op de leeftijd van 25-49 jaar komt het herseninfarct echter vaker bij vrouwen voor. Zwangerschap en gebruik van hormonale anticonceptie verklaren voor een deel de hogere prevalentie bij vrouwen. Welke aandoening is nog meer een verklaring voor de hogere prevalentie bij vrouwen op deze leeftijd?

a. Diabetes mellitus.

b. Migraine met aura.

c. Morbus Crohn.

d. Multiple sclerose.

 

7. In beide onderzoeken werden patiënten benaderd die ‘at risk’ waren voor schadelijke bijwerkingen van medicijnen. De medicijnen waren voorgeschreven door de huisarts (of de specialist) en verstrekt door de apotheek. Wat is de belangrijkste reden dat patiënten in deze keten gevaar liepen op schadelijke bijwerkingen van medicatie?

a. Er werd aan de patiënten geen afbouwstrategie aangeboden.

b. Er was geen periodiek overleg tussen huisarts en apotheker.

c. Er was geen protocol over hoe om te gaan met herhalingsreceptuur.

 

8. Naar aanleiding van een farmacotherapeutisch overleg over maagmedicatie nodigt de huisarts de 58-jarige heer Homburg uit op het spreekuur. De heer Homburg gebruikt sinds tien jaar omeprazol in verband met zuurbranden. Er blijkt nooit verdere diagnostiek te zijn gedaan naar de oorzaak. Op dit moment heeft hij met medicatie geen klachten. Wat is het eerst aangewezen beleid?

a. Staken van omeprazol, zonodig antiacidum adviseren, controle op spreekuur.

b. Omeprazol omzetten in H2 receptor antagonist, controle op spreekuur.

c. Laboratoriumdiagnostiek op Helicobacter pylori, beleid afhankelijk van uitslag.

d. Gastroscopie, verder beleid afhankelijk van uitslag.

De volgende bronnen zijn gebruikt voor deze kennistoets:
  • Van Rhenen J, Zwart S. Minderen met maagzuuremmers, kan het? Huisarts Wet 2017;60(12):645-7.
  • Oosterlee H, Koolman M, Meier J. Cardiovasculair risico’s verlagen bij pilgebruikende rooksters. Huisarts Wet 2017;60(12):642-4.
  • Numans ME, De Wit NJ, Dirven JAM, Heemstra -Borst CG, Hurenkamp GJB et al. NHG-Standaard Maagklachten (derde herziening). Huisarts Wet 2013;56(1):26-35.
  • Brand A, Bruinsma A, Van Groeningen K, Kalmijn S, Kardolus I et al. NHG-Standaard Anticonceptie. Huisarts Wet 2011;54(12): 652-76.
  • Ekker MS, Wermer MJH, Riksen NP, Klijn CJM, de Leeuw FE. Herseninfarct bij jonge vrouwen. Ned Tijdschr Geneeskd 2016;160:D689.
 
De vragen van deze kennistoets zijn gemaakt door Henk Folkers, werkzaam bij de Huisartsenopleiding Nederland. Over vragen en antwoorden wordt niet gecorrespondeerd

Alle antwoorden

1a

Van Rhenen J, Zwart S. Minderen met maagzuuremmers, kan het? Huisarts Wet 2017;60(12):645-7.

Oosterlee H, Koolman M, Meier J. Cardiovasculaire risico’s verlagen bij pilgebruikende rooksters. Huisarts Wet 2017;60(12):642-4.

2c

Oosterlee H, Koolman M, Meier J. Cardiovasculaire risico’s verlagen bij pilgebruikende rooksters. Huisarts Wet 2017;60(12):642-4.

3a

Numans ME, De Wit NJ, Dirven JAM, et al. NHG-Standaard Maagklachten (derde herziening). Huisarts Wet 2013;56(1):26-35.

4d

Broeders E, Smelt A. Protonpompremmers slecht voor nieren. Huisarts Wet 2017;60:306.

Numans ME, De Wit NJ, Dirven JAM, et al. NHG-Standaard Maagklachten (derde herziening). Huisarts Wet 2013;56(1):26-35.

5b

Brand A, Bruinsma A, Van Groeningen K, et al. NHG-Standaard Anticonceptie. Huisarts Wet 2011;54(12):652-76.

6b

Ekker MS, Wermer MJH, Riksen NP, Klijn CJM, de Leeuw FE. Herseninfarct bij jonge vrouwen. Ned Tijdschr Geneeskd 2016;160:D689.

7c

Van Rhenen J, Zwart S. Minderen met maagzuuremmers, kan het? Huisarts Wet 2017;60(12):645-7.

Oosterlee H, Koolman M, Meier J. Cardiovasculaire risico’s verlagen bij pilgebruikende rooksters. Huisarts Wet 2017;60(12):642-4.

8a

Numans ME, De Wit NJ, Dirven JAM, et al. NHG-Standaard Maagklachten (derde herziening). Huisarts Wet 2013;56(1):26-35.

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen