Nieuws

Nascholingsartikelen in Huisarts en Wetenschap

Gepubliceerd
20 mei 2001

Samenvatting

Lezers van Huisarts en Wetenschap willen een wetenschappelijk blad, maar pleiten tegelijkertijd voor praktische en direct toepasbare informatie. 1 H&W publiceert al sinds jaar en dag nascholingsartikelen. Ideeën over wat een nascholingsartikel is, veranderen en onze richtlijnen daaromtrent zijn zes jaar oud. 2 Een goed moment dus om aandacht te besteden aan nieuwe richtlijnen voor nascholingsartikelen. We onderscheiden de volgende soorten nascholingsartikelen:

  • Klinische les.
  • Casuïstische beschrijving.
  • Gestructureerd literatuuroverzicht (criteria-based review).
  • Deskundigenartikel (authoritybased review).

Klinische les

Een klinische les moet het klinisch redeneren blootleggen en heeft sterke gelijkenis met een goed hoorcollege: een meester legt de toehoorders uit hoe het zit. Er is met name aandacht voor een medische benaderingswijze of een algemeen principe, in het algemeen na presentatie van een of meer exemplarische gevallen. Een dergelijk artikel kent in het algemeen nauwelijks een wetenschappelijke verantwoording en bevat eerder suggesties voor verdere verdieping van het besproken principe of de benadering. De maximale omvang is ongeveer 1800 woorden.

Casuïstische beschrijving

Een casuïstische beschrijving dient ter illustratie van een boodschap, die vervolgens met feiten wordt onderbouwd. In het algemeen wordt een casuïstische mededeling gebruikt om niet-alledaagse zaken te illustreren. Juist de variatie-breedte van het vak komt aan bod. De maximale omvang van een dergelijk artikel is circa 1500 woorden.

Gestructureerd literatuuroverzicht

Een gestructureerd literatuuroverzicht (het criteria-based review) is een formeel verslag van literatuur-onderzoek en kent ook dezelfde opbouw als een verslag van experimenteel onderzoek. Het heeft een inleiding, waarin de vraagstelling wordt beschreven, een methodendeel waarin de wijze van zoeken van literatuur wordt beschreven, en de criteria, die men heeft gebruikt om de literatuur te selecteren. Daarna volgt een bespreking van de methodische beoordeling van de geselecteerde literatuur. Na de resultatensectie volgt een beschouwing, waarin de resultaten worden geplaatst in een breder verband en eventueel aanbevelingen voor verder onderzoek of toepassingen in de praktijk worden besproken. Voor een precieze instructie verwijzen we naar de richtlijnen ‘literatuuronderzoek’.

Deskundigenartikel

Een ‘state of the art’-(deskundigen)artikel geeft een overzicht van de stand van zaken met betrekking tot (recente) ontwikkelingen in een bepaald vakgebied of met betrekking tot een bepaalde categorie patiënten of problemen. In een deskundigenartikel gaat het, in tegenstelling tot de klinische les, niet om het redeneren, maar om het overdragen van kennis. Belangrijk daarbij is – net als met onderwijs – dat het geheel attractief en vlot leesbaar is. Vermijd indien mogelijk het gebruik van passieve werkwoordsvormen. De inhoud dient relevant te zijn voor de kliniek van de praktiserende huisarts. Hoewel minder rigide van vorm dan een gestructureerd literatuuroverzicht kent ook het deskundigenartikel een bepaalde opbouw, die relatief eenvoudig is:

  • Inleiding, waarin u inhoudelijke informatie over de bijdrage opneemt (bijvoorbeeld: ‘Achtereenvolgens worden de etiologie, de pathofysiologie en de diagnostiek van de middenoorontsteking besproken’) en de relevantie aangeeft. Het doel wordt omschreven en indien mogelijk benoemt u ook het startpunt van de bijdrage (bijvoorbeeld: ‘Sinds het verschijnen van de NHG-standaard otitis media acuta…’).
  • Een zeer korte methodenparagraaf, waarin u de bronnen van de gepresenteerde kennis noemt. Eventueel kunt u deze informatie in de inleiding verwerken.
  • Daarna volgen paragrafen waarin alle in de inleiding genoemde aspecten worden besproken. Bij deze bespreking dient u zo mogelijk onderscheid te maken in ‘levels of evidence’. Het CBO heeft daarvoor een indeling ontwikkeld, zowel voor diagnostische als therapeutische onderzoeksresultaten. 3 Veronderstellingen van de auteur(s) dienen voor de lezer als zodanig duidelijk herkenbaar te zijn en te worden beredeneerd.
Besteed vooral aandacht aan de situatie in de huisartspraktijk. Maak daarbij gebruik van in de praktijk toepasbare maten: de testkarakteristieken van aanvullend onderzoek (sensitiviteit, specificiteit, voorspellende waarden of likelihoodratio's), te verwachten diagnostische opbrengst per 100 procedures, het aantal personen dat behandeld dient te worden om een bepaald effect te bereiken (number needed to treat/harm) en de omvang van het effect. Vermijd bij voorkeur het gebruik van relatieve risico's bij informatie over therapie.
  • Tot slot volgt een beschouwing, waarin u aangeeft hoe de gepresenteerde informatie past in de bestaande praktijk en – indien van toepassing – wat er eventueel nodig is om voorgestelde wijzigingen in beleid ook daadwerkelijk toe te passen. In de beschouwing is ook plaats voor een blik in de toekomst, zoals bijvoorbeeld een verwijzing naar lopend of gepland onderzoek.

Alle artikelen horen te worden voorzien van een samenvatting en – maximaal vijf – kernboodschappen. In het algemeen dienen deze boodschappen in de tekst te zijn onderbouwd met een kernreferentie. De maximale omvang van een deskundigenartikel is 2400 woorden, inclusief de samenvatting. De literatuurverwijzingen dienen te worden beperkt. Indien mogelijk wordt vooral gerefereerd naar meta-analyses of elders gepubliceerde criteria-based reviews. Het gebruik van foto's, illustraties, figuren en tabellen kan redelijk overvloedig zijn. Deze dienen te worden beschouwd als een dia bij een college en vatten het gepresenteerde materiaal kernachtig samen. Neem bij inzending van illustratiemateriaal contact op met het redactiesecretariaat over het gewenste elektronische formaat.

Literatuur

  • 1.Zaat J, Tasche MJA. Lezen is werk… maar wel leuk werk. Het oordeel van lezers over Huisarts en Wetenschap, het NHG katern en de website. Huisarts Wet 2000;43:455-7
  • 2.Meijman FJ. Nascholingsartikelen in H&W. Huisarts Wet 1995;38:450-1
  • 3.Richtlijnontwikkeling binnen het kwaliteitsinstituut voor de Gezondheidszorg CBO. Kwaliteitsinstituut voor de gezondheidszorg CBO, Utrecht 2000.

Reacties

Er zijn nog geen reacties.

Verder lezen