Nieuws

Neurologie en literatuur

Gepubliceerd
10 maart 2007

In dit boek schrijven artsen, merendeels neurologen, elk over een favoriet boek dat een duidelijk raakvlak met hun vak heeft. Het enthousiasme spat eraf. Het is onmogelijk een recensie te schrijven over 35 essays. Ik licht er daarom 2 uit. Henk Maassen schrijft een lyrisch stuk over Ian McEwans roman Saturday, waarin een neurochirurg een autobotsing heeft met een jonge crimineel die lijdt aan de ziekte van Huntington. Dit voorval veroorzaakt een keten van gebeurtenissen met een dramatisch einde. De bespreking trekt ons langzaam het boek in, zoals we in het boek langzaam in het hoofd van de neurochirurg getrokken worden. Lezen dat boek, dacht ik, na het stuk van Henk Maassen gelezen te hebben. Ik kan u inmiddels het boek van McEwan aanraden. Axel Wintzen licht uit het gedicht Erlkönig van Goethe hoe het is om een delier te hebben, dingen te zien die je anders nooit ziet. Hoe eng dat is en dat dit doodenge ook het laatste is wat je meemaakt. Uit de boeken die geschreven zijn door en voor dokters kan je dit niet zo halen. Daar heb je een groot dichter voor nodig. Dat lijkt mij ook het nut van dit boek. Het wijst artsen en andere geïnteresseerden op literatuur die de belevingskant van de patiënt verwoordt. Veel artsen die ik ontmoet heb waren daarin geïnteresseerd. Zij kunnen via dit boek nieuwe impulsen krijgen om hun boekenkast verder te vullen. De inleiding besluit niet voor niets met een citaat uit Saturday van Ian Mc Ewan: ‘De zee van zenuwellende is uitgestrekt en diep….’

B. Themans

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen