Nieuws

Nieuw contract Engelse huisartsen moet kwaliteit verhogen

Gepubliceerd
10 mei 2003

Binnenkort spreken de huisartsen in het Verenigd Koninkrijk zich uit over een nieuw contract tussen huisartsen en de NHS. Het contract regelt niet alleen een nieuw financieringssysteem, maar heeft als doel de kwaliteit van de huisartsenzorg sterk te verbeteren. Geld stuurt immers kwaliteit. Alle praktijken in de UK zijn straks verplicht de basiszorg te leveren. Hieronder vallen de diagnostiek en behandeling van mensen die ziek zijn – of denken te zijn – door alledaagse, meestal self-limiting aandoeningen. Ook de zorg voor terminaal zieken en het management van chronisch zieken op een manier die de praktijk samen met patiënten bepaalt, behoren tot de basiszorg. Daarnaast zijn er facultatieve taken: cervixscreening, anticonceptie, vaccinaties, jeugdzorg, moederschapszorg en kleine chirurgie. In principe horen ook al deze taken bij de praktijk, maar men kan er onder voorwaarde voor kiezen het niet te doen. Dat kost geld; zo betekent afzien van cervixscreening een ‘boete’ van £ 1203. Praktijken kunnen ook de verplichting tot 24-uurszorg afkopen. Als facultatieve taken op een hoog niveau worden uitgeoefend, kan daar apart geld voor worden uitgekeerd. Het hele betalingssysteem is nogal ingewikkeld, maar komt er kort op neer dat praktijken – naast een basisvergoeding – meetbare prestaties moeten tonen. Een groep deskundigen stelde 4 domeinen voor. Er is een klinisch domein met 10 verschillende onderwerpen: hart- en vaatziekten, CVA, TIA, hypothyreoïdie, diabetes, GGZ, COPD, astma, epilepsie en kanker. Het organisatorische domein omvat 5 gebieden: medische administratie, communicatie met patiënten, nascholing en training, management van medicatie en praktijkmanagement. Vier gebieden vormen het servicedomein (cervixscreening, jeugdzorg, moederschapszorg en anticonceptie) en het patiëntenervaringsdomein wordt gevormd door regelmatige patiëntenonderzoeken en de consultatieduur. Voor elk van de gebieden zijn indicatoren vastgesteld die zonder allerlei extra registraties makkelijk meetbaar moesten zijn. De 79 indicatoren zijn zeer precies beschreven. Zo is een hoog percentage patiënten met hart- en vaatziekten van wie de bloeddruk bij meting gedurende 15 maanden lager was dan 150/90 mmHg, een flink aantal punten waard. Je moet daar immers flink je best voor doen. Praktijken kunnen met hun Primary Care Organisation bepaalde gebieden in de verschillende domeinen uitkiezen. Afhankelijk van je score op een indicator verdien je dan punten en dus extra geld. Uitsluitend je aandacht richten op astma en daar veel punten halen, gaat niet werken, want alleen als je als praktijk je best doet in alle 10 de klinische domeinen, krijg je een toeslag voor holistisch werken. Al die indicatoren en de ingewikkelde rekensommen vragen vast veel van de praktijkondersteuners/ administrateurs. Het is een ambitieus plan en volgens de commentaren is dit de eerste keer dat op zo'n grote schaal geprobeerd wordt met financiële initiatieven en meetbare indicatoren de huisartsenzorg in een land te verbeteren. Bij ons is het niet verder gekomen dan het rapport van Tabaksblat en het rituele gemopper. Hoewel er ongetwijfeld veel problemen kleven aan de implementatie van het contract en de indicatoren vast niet allemaal meetbaar zijn, is het een bewonderswaardige poging tot samenhangend beleid. Waarom kan het daar wel en hier niet? Misschien moeten LHV, NHG maar ook VWS en ZN eens bij onze Engelse collega's in de leer. (JZ)

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen