Nieuws

‘Op de kop getikt’

Gepubliceerd
6 april 2010

Doelgroep Huisartsen en andere hulpverleners. Patiënten. Inhoud Paulien Bom beschrijft in korte hoofdstukken de gevolgen van haar val. Die gevolgen zijn heftig: verlies van haar werk als consultatiebureauverpleegkundige en veel hardnekkige lichamelijke klachten waarvoor meerdere namen bestaan als whiplashtrauma en postcommotioneel syndroom. Zij beschrijft een periode van vijf jaar in vier fasen: de val, de crises (‘vast en onzeker’), de revalidatie, en een prachtig slot over zingeving (de geit en het touw). Elk van de hoofdstukken, die prima apart te lezen zijn, begint met een beschrijving van de feiten: de val, de uitval op haar werk, de artsenbezoeken, de beperkingen, het geïsoleerd raken, de psycholoog, de therapeuten, de WAO, de thuissituatie en de moeizame revalidatie. Onthullend eerlijk en humoristisch worden deze feiten geanalyseerd. Alles wat een zekerheid leek te zijn, komt daarbij op losse schroeven te staan. Wist zij vroeger precies het juiste advies voor haar cliënten, nu op de stoel van de patiënt raakt zij elke grip op haar situatie kwijt. Juist dit gegeven maakt het boek interessant voor hulpverleners. Stapsgewijs ontleedt zij haar voorstellingen, haar verwachtingen, haar hoop, haar wanhoop en de reacties van de mensen om haar heen. Bijvoorbeeld in het hoofdstukje ‘de lastige patiënt’, waaruit glashelder blijkt waarom deze patiënten voor veel artsen zo moeilijk zijn. Maar ook hoe ingrijpend het is om het gevoel te krijgen een lastige patiënt te zijn. Haar herstel gaat veel trager dan verwacht. Zij citeert Johan Cruijff: ‘Als je sneller wilt spelen dan kun je harder lopen, maar in wezen bepaalt de bal de snelheid van het spel’ en beschrijft het proces van hospitaliseren: ‘Mijn leven is draaglijk door de cocon die ik om mijzelf gesponnen heb’. Maar tegelijkertijd stagneert de ontwikkeling door die ingekrompen wereld. Haar inzicht in dit universele proces (met prachtige beschouwing over het boek Een been om op te staan van Oliver Sachs) blijkt het deurtje te zijn naar herstel, naar revalidatie. Die revalidatie is geen rechtlijnig proces. Acceptatie (‘je moet toch wat’) in combinatie met de eigenwijsheid om soms niet te accepteren maar te experimenteren vormen de ingrediënten. Hoe sensorische integratie werkt, werd mij hier voor het eerst duidelijk. In het laatste hoofdstukje ‘het touw’ beschrijft zij het ‘het-is-genoegsignaal’. Het is het luisteren naar het wijze lijf wat voor bijna elk modern mens een opgave is. Oordeel Een geestig, leesbaar geschreven boek dat er in slaagt een genuanceerde, eigenwijze kijk op een veel voorkomende problematiek neer te zetten. Het is zeker geen egodocument omdat de reflectief onderzoekende stijl van schrijven het persoonlijke gebeuren in een brede context plaatst. Een aanrader voor hulpverleners die meer grip willen krijgen op een dergelijk trauma. Richard Botman

Waardering *****

* zeer matig ** matig *** redelijk, niet heel bijzonder **** goed ***** niet te missen

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen