Nieuws

Pasgeboren

Gepubliceerd
10 december 2001

In deze H&W verschijnt heel toepasselijk zo rond kerst de standaard ‘Onderzoek van de pasgeborene’. In 2000 jaar is de pre- en perinatale zorg op het eerste gezicht wel enigszins verbeterd. In de Grieks-Romeinse wereld lag de perinatale sterfte naar schatting rond de 5-8%. Plinius de Oude (23-79) schreef een verhandeling over de volksgebruiken rond de bevalling: de rechter poot van een hyena zorgde voor een vlotte bevalling, maar de linker poot veroorzaakte de dood van de moeder. Veren van een gier, placenta's van teefjes – alles hielp, al was het maar als placebo. De zorg was in ieder geval zeer persoonlijk: vrouwen bevielen bijna altijd thuis, omringd door vrouwelijke familieleden en een vroedvrouw. Een wat meer geneeskundige verhandeling over de geboorte komt van Soranus (rond het jaar 100). Hij beschrijft wat er nodig is voor een geboorte: olijfolie, zachte sponzen, wollen lapjes, verband, een kussen, geurige stoffen (om het flauwvallen tegen te gaan), twee bedden (een harde en een zachte) en een baarkruk. Uit de beschrijving blijkt dat er weinig verschil is tussen de baarkruk van toen en die van nu. Als het kind geboren was, keek de vroedvrouw het na op aangeboren afwijkingen: ze keek de openingen van de neus, oren, urethra en anus na en prikkelde het kind om te zien of het de armpjes en beentjes goed bewoog. Zo schatte zij de kans op overleving in. Het kind werd gewassen en gezalfd. Soranus benadrukt de kwetsbaarheid van het kind. Opvallend is dat de huidige NHG-standaard nog begint met: ‘Ondanks een beperkte wetenschappelijke onderbouwing lijkt er consensus over de globale inhoud van het eerste routineonderzoek’. Na 2000 jaar niets opgeschoten dus. (JZ)

Literatuur

  • 0.French V. Midwives and maternity care in the Roman world. Helios 1986;13:69-84. (www.indiana.edu/~ancmed/midwife.htm)

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen