NHG forum

Scenario's bouwen;

0 reacties
Gepubliceerd
10 mei 2001

Samenvatting

In het NHG-katern van maart heeft u alles kunnen lezen over de redenen waarom het project Toekomstvisie Huisartsenzorg van start is gegaan en de stappen die in het project worden gezet. Bovendien werd in het interview op de achterpagina het woord gegeven aan Cor Stevens, een van de externe deskundigen die het traject van het ‘scenario's bouwen’ begeleiden. Dat klinkt wel leuk en aardig, maar wat houdt dat ‘scenario's bouwen’ nu eigenlijk in?

Stel je voor…

Iedereen denkt wel eens na over de toekomst, en dus kent ook iedereen het fenomeen dat zo'n denkbeeldige toekomst soms rozerood en soms inktzwart, soms heel helder en soms vol onzekerheden voor het geestesoog kan verschijnen. Enkele dingen lijken duidelijk (‘over tien jaar ben ik nog steeds huisarts’), maar er kan van alles gebeuren waardoor die duidelijkheid wordt verstoord (misschien vindt u over vijf jaar het vak wel helemaal niet meer leuk en kiest u een andere richting. Of misschien doet u een spectaculaire uitvinding waardoor u aan het hoofd komt te staan van een grote multinational dan wel op uw lauweren rust op uw eigen eiland in de Middellandse Zee. En misschien ook bestáát het huisartsenvak over tien jaar helemaal niet meer…). Bovendien zijn er diverse veranderingen in de wereld die van invloed zijn op de eigen situatie. Dat geldt dus ook – en op dit moment zelfs zeer sterk – voor huisartsen. We hebben het dan bijvoorbeeld over technologische, economische, sociaal-maatschappelijke, politieke en culturele/religieuze ontwikkelingen. Sommige veranderingen zijn met betrekkelijk veel zekerheid te voorspellen, zoals demografische ontwikkelingen (bevolkingsgroei, vergrijzing), capaciteitsontwikkelingen van huisartsen en de zorgbehoefte. Maar veel is ook onzeker, zoals de ontwikkelingen op het gebied van het zorgstelsel, het effect van de Europese eenwording, de economie, veranderingen in waarden en normen, onderlinge en maatschappelijke solidariteit, het milieu, de huisartsenidentiteit en de technologie, waaronder ICT. De kunst is nu om met dat soort zekere en minder zekere ingrediënten beelden te schetsen van hoe de toekomst er zou kunnen gaan uitzien.

Kiezen voor onzekerheden

Speculerend over de toekomst zijn met name onderwerpen waarover veel onzekerheid bestaat interessant. De grootste variabelen zijn immers daar te verwachten waar de voorspelbaarheid laag is. Nederland zal er bijvoorbeeld over tien jaar heel anders uitzien na een periode van economische bloei, dan wanneer de economie stagneert of zelfs helemaal instort. Zo ook zijn er uitersten te voorzien wanneer wordt uitgegaan van een verdere individualisering (iedereen een eigen ‘WA-verzekering’), of juist het solidariteitsprincipe wordt aangehangen (iedereen verplicht verzekerd). Of wanneer de technologie stagneert dan wel spectaculair groeit. Of wanneer de overheid steeds meer wet- en regelgeving over onze hoofden uitstort, dan wel steeds meer overlaat aan het individu. Enzovoort. De lijn waarop dergelijke uitersten tegen elkaar worden afgezet, wordt een ‘as’ genoemd. En waar twee assen met elkaar worden gekruist, ontstaan vier variabelen. Bijvoorbeeld: de as met de uitersten ‘de economie bloeit’ en ‘de economie stort in’ wordt gekruist met de as ‘het individu zorgt voor zichzelf’ versus ‘de overheid regelt alles’. Dan ontstaan de variabelen ‘de economie bloeit en het individu zorgt voor zichzelf’, ‘de economie bloeit en de overheid regelt alles’, ‘de economie is ingestort en het individu zorgt voor zichzelf’ en ‘de economie is ingestort en de overheid regelt alles’.

Werken met zekerheden

De gekozen variabelen kunnen vervolgens worden, uitgewerkt in toekomstscenario's door er de gegevenheden die wel (tamelijk) zeker zijn op los te laten. Voorbeelden van dergelijke voorspelbare gegevenheden zijn de demografische ontwikkelingen: in 2010 zijn er ongeveer 16,6 miljoen Nederlanders, waaronder circa twee miljoen allochtonen. zo'n 14,8 procent zal 65-plusser zijn en de gemiddelde levensverwachting ligt voor mannen rond de 76,6 jaar en voor vrouwen rond de 81,1 jaar. Met iets minder zekerheid valt ook heel veel te voorzien in de ontwikkelingen binnen de beroepsgroep, bijvoorbeeld: rekening houdend met de demografische ontwikkelingen, moet het aantal huisartsen tot 2010 toenemen met 9,1 procent; en wanneer de trend om parttime te werken zich doorzet, is nog een verdere groei noodzakelijk. En ook valt met enige zekerheid wel wat te voorspellen over de toename van de hulpvraag, wanneer uitgegaan wordt van de demografische ‘zekerheden’. Zo zal door de vergrijzing van de bevolking bijvoorbeeld meer zorg voor chronische ziekten noodzakelijk zijn.

Denkinstrumenten

De in het Visieproject ontwikkelde toekomstscenario's worden gebruikt als denkinstrumenten. Wanneer je uitgaat van een bepaald toekomstbeeld, dwingt de beschrijving daarvan je tot nadenken over de positie van de huisarts in het heden en in de voor ogen staande toekomst. En dus ook, onherroepelijk, over het traject dat moet worden afgelegd om van het heden in die toekomst terecht te komen. Dat is belangrijk, want wanneer je niet ziet hoe de omgeving verandert, wordt je overvallen door gebeurtenissen en ben je niet voorbereid op mogelijk onverwachte wendingen. Om te laten zien hoe dat denken over de toekomst aan de hand van toekomstscenario's in zijn werk gaat, zal in het volgende NHG-katern een aantal voorbeelden daarvan worden gegeven.

Eerste steen gelegd

In de eerste bijeenkomsten van de projectgroep is begonnen met het nadenken over mogelijke toekomsten met behulp van een aantal mogelijke variabelen. In volgende bijeenkomsten worden daar ongetwijfeld nog vele bouwstenen aan toegevoegd. En ook de ‘visiedagen’ in de districten en de huisartsinstituten, waarbij huisartsen wordt gevraagd mee te denken over mogelijkheden en wensen voor de toekomst, zullen daarbij nog veel stof tot nadenken opleveren. Nu al is duidelijk dat echte ‘doemscenario's’ tegenover ‘the sky is the limit’-scenario's zullen komen te liggen. Met behulp van de (betrekkelijke) zekerheden voor de toekomst zal worden getracht dergelijke scenario's zo realistisch mogelijk uit te werken. Uiteindelijk gaat het erom een scenario te kiezen waar de Nederlandse huisartsen zich in kunnen vinden en waar zij zich ook voor willen inspannen. Het daaropvolgende traject: hoe kunnen we vanuit het nu toewerken naar een voor de huisarts wenselijke toekomst, wordt wellicht de grootste uitdaging. Daarmee zal immers handen en voeten worden gegeven aan het doel van het project: het ontwikkelen van een nieuwe visie op het huisartsenvak en een daarop gebaseerd functieprofiel van de huisarts. Het ‘Visieproject’ zal er alles aan doen om de Nederlandse huisarts zo nauw mogelijk bij dit hele bouwproces te betrekken. (AS)

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen