Nieuws

Sympathicomimetica bij stressincontinentie

0 reacties
Gepubliceerd
10 september 2003

Alhasso A, Glazener CM, Pickard R, N’Dow J. Adrenergic drugs for urinary incontinence in adults (Cochrane Review). In: The Cochrane Library, Issue 2, 2003. Oxford: Update Software.

Achtergrond In de gladde spieren van blaashals en urethra bevinden zich alfaadrenerge receptoren. Alfa-adrenerge sympathicomimetische effecten zijn onder andere het samentrekken van genoemde spieren. Men kan verwachten dat het stimuleren van deze receptoren gunstig is voor het behoud van continentie bij een falend afsluitmechanisme van de blaashals. Sympathicomimetica worden echter in het algemeen beschouwd als ineffectieve geneesmiddelen bij (stress)incontinentie die veel bijwerkingen geven. Doel Het vaststellen van de effectiviteit van sympathicomimetica bij urine-incontinentie. Zoekstrategie Het register met trials van de Cochrane Incontinentie Groep en de daarin vermelde referenties tot januari 2002. Insluiting Alle (quasi-) RCT’s waarbij ten minste aan één groep van de onderzoekspopulatie adrenerge medicatie werd voorgeschreven. Bij de meeste trials werden alleen vrouwen met urodynamisch vastgestelde stressincontinentie geïncludeerd. Resultaten Er werden 15 trials ingesloten met in totaal 832 vrouwen van wie 506 een adrenerg middel gekregen: 11 trials fenylpropanolamide (alfa-adrenerg effect), 2 trials midrodine (alfa-adrenerg effect) en 2 trials clenbuterol (bèta-adrenerg effect). Alle genoemde middelen zijn in Nederland niet (voor incontinentie) op de markt. De beperkte gegevens wijzen in de richting van een gunstig effect van adrenerge middelen vergeleken met placebo zonder dat enige uitspraak kan worden gedaan over de hoogte van de dosering of van de duur van het effect of van het effect vergeleken met andere behandelingen. Conclusie Er is gering bewijs ten voordele van adrenerge medicatie. Meestal treden milde bijwerkingen op, maar er zijn ernstige bijwerkingen gemeld zoals cardiale aritmieën en hypertensie.

Beschouwing

De conclusies moeten naar mijn mening veel zwakker geformuleerd; de onderzoeken zijn immers klein (gemiddeld 30 patiënten in de behandelgroep), de cross-overtrials gebruikten in meerderheid geen wash-out-periode, de followupduur is erg kort (meestal 2-4 weken) en de meeste uitkomstmaten betreffen verbetering van subjectieve klachten zonder dat de incontinentie verdwijnt. Adrenerge middelen voor stressincontinentie zijn voorlopig niet aan de orde. Huisartsen kunnen het beste, na een goede inventarisatie van het incontinentieprobleem, patiënten instrueren voor en ondersteunen bij bekkenbodemspieroefeningen al dan niet met hulp van een bekwame fysiotherapeut.

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen