Nieuws

Waar haal ik die tranen vandaan?

Gepubliceerd
2 februari 2011

Voor het eerst in mijn leven trek ik 28 minuten uit voor het fietstochtje naar de universiteit. Tot nu toe waren maximaal 14 minuten genoeg om exact op tijd – met een doorweekte rug en zweetdruppels parelend op mijn slapen – de collegezaal of werkgroepruimte binnen te rennen. Ongeduldig draal ik voor de ingang, strijk mijn broek nog maar eens glad en vis het A4-tje met steekwoorden een laatste maal uit mijn tas. Ik kan de antwoorden inmiddels dromen: mijn motivatie voor de opleiding, toekomstvisie en uitgebreide analyses van mijn valkuilen en kwaliteiten. In een flits schieten sollicitaties van de afgelopen jaren door m’n hoofd. De chirurg bij wie ik solliciteerde als tropenaios zette eerst een blikje bier, een blikje cola en een bak pinda’s voor mijn neus en praatte vervolgens een uur lang zelf. Achteraf had ik geen idee of ik was aangenomen vanwege de hoeveelheid pinda’s die ik at, ondanks of juist omdat ik voor de cola koos. Met de gynaecoloog uit Curaçao sprak ik voornamelijk over duiken en snorkelen. En mijn sollicitatiegesprek voor een functie als tropenarts ging meer over de zwangerschap van de human resource-dame dan over de gevaren van de jungle.

Vandaag zijn de criteria waarop wordt geselecteerd me voor het eerst meer dan duidelijk. Vandaag solliciteer ik voor het eerst vol overtuiging voor een vak dat ik nog 30 jaar hoop uit te oefenen. En vandaag ben ik voor het eerst door en door voorbereid op elke mogelijke vraag. Maar juist vandaag sta ik trillend mijn zweethandjes aan een lantaarnpaal af te vegen en probeer krampachtig drie schrikbeeldverhalen uit mijn hoofd te bannen. Op de eerste hulp waar ik werk, werd mijn leukste collega recent afgewezen voor de huisartsopleiding. ‘Wat ging er dan mis?’ vroeg ik verbaasd. Hij haalde zijn schouders op: ‘Ik werd in de hoek gepraat en al mijn antwoorden vielen verkeerd.’ ‘Geef dan eens een voorbeeld.’ ‘Ze vroegen waaruit bleek dat ik empatisch was, waarop ik antwoordde dat ik altijd probeer om aardig tegen mensen te doen.’ Ik zweeg even. Deze collega is één van de meest invoelende artsen die ik ken, al snap ik dat dit niet het antwoord was dat de commissie wilde horen. Een medetropenarts werd afgewezen omdat er werd getwijfeld aan zijn ‘leerbaarheid’. Hij vertelde dat hij zich in alle bochten had gewrongen om aan te tonen dat hij wél openstond om te leren. De commissie zei: ‘Je zegt wel de juiste dingen, maar we geloven je niet.’ Een andere tropenarts werd afgewezen omdat ze lang en pijnlijk zweeg op de vraag: ‘Maar waarom zit je nu niet in de tropen?’ Zit de commissie te vast in haar vooroordelen? Of doorziet ze juist haarscherp de dingen die ik bij mijn collega’s niet doorzie? Een wat sullig ogende jongen komt naar buiten. ‘Heb je net gesolliciteerd?’ klamp ik hem aan. Hij knikt tevreden. ‘Volgens mij ging het wel goed. Ik heb verteld over mijn twijfels en fouten, en dat ik ooit om een patiënt heb gehuild. O ja, de laatste vijf minuten zijn trouwens “voor jou”.’ ‘Voor mij?’ ‘Dan mag je zelf wat vertellen. Ik heb verteld over mijn zoontje die sinds vorige week “papa” zegt. Dat deed het erg goed.’ Terwijl de jongen op zijn fiets stapt, wandel ik naar binnen. Reflectie en emotie, denk ik. Dat is dus wat ze willen. Maar waar haal ik die tranen vandaan?

In de kamer stelt de commissie zich voor: een psycholoog, een aios en een huisarts. Als ik de huisarts vraag waar hij werkt, kijkt hij verbaasd. ‘Laat maar,’ zeg ik snel, ‘Het is natuurlijk niet aan mij om de vragen te stellen.’ De aios biedt me koffie aan. Het blijkt het laatste bekertje uit de kan te zijn. ‘Sorry,’ breng ik uit. ‘Nu pik ik jullie koffie.’ Ongemakkelijk neem ik plaats op een stoel en sta meteen weer op. ‘Ik weet niet of deze stoel wel voor mij bestemd is,’ licht ik toe. De psycholoog schiet in de lach. ‘Reflecteren is belangrijk, maar het hoeft niet bij elke handeling.’ Ik word rood. ‘Het zijn de zenuwen,’ breng ik uit. ‘Maar dit is toch niet je eerste sollicitatie?’ vraagt de aios. Ik aarzel, zet in gedachten een dikke streep door mijn ingestudeerde antwoorden en gooi vervolgens domweg al mijn schrikbeeldverhalen en overwegingen op tafel. Zo. Dit is wie ik ben en dit is mijn verhaal. Als dat niet goed genoeg is, zoeken jullie het maar uit. Mijn hartslag normaliseert. Ik neem een slok van mijn koffie en zak iets achterover. En onverwacht wordt het een erg prettig gesprek. Anne Hermans

Reacties (1)

M.I. Vermeulen (niet gecontroleerd) 15 maart 2011

Uit de columns van Anne Hermans waarin zij haar sollicitatieperikelen beschrijft, komt het beeld van een onduidelijke selectieprocedure naar voren. Gebrek aan transparantie en willekeur lijken te regeren. Waar wordt op geselecteerd? Welke eigenschappen moet de sollicitant beschikken? En hoe zit het met de vooroordelen van de commissieleden?
Dit gebrek aan transparantie is een van de beweegredenen voor de ontwikkeling van een nieuwe procedure binnen de huisartsopleiding. We streven naar een procedure waarin op een eerlijke en open manier kandidaten geselecteerd zullen worden op criteria die relevant zijn voor de huisartsopleiding. De keuze uit bier of cola hoort daar niet bij.
Uit literatuuronderzoek blijkt dat de huidige selectieprocedure achterhaald is. Wij zijn geïnspireerd door de selectieprocedure zoals die in Engeland bij de huisartsopleiding wordt toegepast. De basis van deze procedure vormen de competenties die een kandidaat nodig heeft om de opleiding succesvol af te ronden. Na screening op kennis doorlopen kandidaten een uitgebreid assessment centre met daarin onder andere een simulatieconsult. Zo zij kunnen laten zien waarom zij de juiste kandidaat zijn voor de huisartsopleiding. Er is niets geheimzinnigs aan de sollicitatieprocedure aldaar: op de websites van de instituten staat uitgebreid beschreven op welke competenties je getoetst wordt en hoe dat gebeurt. In Engeland is recent onderzoek gedaan naar de beleving van 24000 sollicitanten (1). De uitkomst was dat verreweg de meesten de procedure als eerlijk, transparant en werkrelevant bestempelden.
Ons uitgangspunt is een selectieprocedure te ontwikkelen die gebaseerd is op relevante criteria, die rechtvaardig en transparant is, zodat iedereen weet waar hij/zij aan toe is. In april zullen wij de nieuw ontwikkelde procedure als pilot gaan uitvoeren in Nijmegen en Utrecht.

Fred Tromp, onderzoeker
Margit Vermeulen, onderzoeker
Ron Pieters, hoofd huisartsopleiding Utrecht
Ben Bottema, hoofd huisartsopleiding Nijmegen

(1) Patterson F, Zibarras L, Carr V, Irish B, Gregory S. Evaluating candidate reactions to selection practices using organisational justice theory. Med Educ 2011 Mar;45(3):289-97.

Verder lezen