NHG forum

‘Warm lopen voor elektronische communicatie’

0 reacties
Gepubliceerd
10 juli 2008

Samenvatting

Al in 1996 trad Carinke Buiting in dienst van het NHG met in haar portefeuille de elektronische communicatie. Ook hield zij zich intensief bezig met de vernieuwing van de HIS-toetsing en de beveiliging van de informatie in de huisartsenpraktijk. Een van ‘haar’ belangrijkste producten is de richtlijn Informatie-uitwisseling huisarts-specialist bij verwijzing, kortweg de Richtlijn HASP genoemd. Onlangs verscheen daarvan een geheel geactualiseerde versie.

Vertel eens iets over de beveiliging van informatie?

‘Vanuit het NHG hebben we meegeschreven aan de informatiebeveiliging volgens de NEN7510. Alle praktijken die zich willen aansluiten op het Landelijk Elektronisch Patiënten Dossier, moeten aan die NEN-norm voldoen. Er waren ruim 220 maatregelen; dat was dus veel te veel en veel te moeilijk. Daarom proberen we als NHG aan te geven wat echt wel en niet moet gebeuren en mensen te stimuleren om dat ook uit te voeren. We schrijven dan ook nu een PraktijkWijzer waarin stap voor stap wordt beschreven hoe je de informatiebeveiliging volgens de NEN7510 op orde kunt brengen in je eigen praktijk.’

Wat staat zoal in de Richtlijn HASP?

‘Vanuit het veld is er de wens om de elektronische communicatie van huisarts naar specialist én vice versa meer gestroomlijnd te laten verlopen. We willen daarbij graag helpen en proberen daartoe meer uniformiteit te creëren, zowel in de brieven van de huisarts naar de specialist als in de retourbrieven. Uniformiteit maakt het mogelijk om vanuit het HIS optimaal te ondersteunen welke gegevens naar de tweede lijn moeten en vanuit het ZIS welke informatie de huisarts terug wil krijgen. Alle HIS’en konden wel brieven aanmaken, maar dan kwamen er onoverzichtelijke uitdraaien uit van drie kantjes. De nieuwe “standaardbrief” heeft nu een onderverdeling gekregen van een kern met bijlagen. In de kern is de belangrijkste hulpvraag aan de tweede lijn te vinden met heel kort de belangrijkste gegevens van de patiënt en wat er speelt. Meestal kan dat wel op een A4’tje. De overige informatie en rubrieken zijn opgenomen in aparte bijlagen.’

Hoe hebben jullie de relevantie van de informatie bepaald?

‘We hebben 7.500 verwijsbrieven bekeken die volgens de eerste versie van de Richtlijn HASP waren gemaakt. Sommige rubrieken bleken altijd te worden ingevuld, dus die moesten we opnemen in de kern. Ook vroegen we aan specialisten welke informatie zij graag opgenomen zagen in de kern. Dat kwam goed overeen met onze opzet. Anderzijds weten specialisten niet altijd wat voor huisartsen belangrijk is. Ze denken bijvoorbeeld dat huisartsen volledige informatie willen, terwijl die veel liever tijdig de informatie ontvangen. Huisartsen zeggen “Die laatste uitslag krijg ik nog wel. Als ik maar liefst dezelfde dag weet dat de patiënt uit het ziekenhuis is ontslagen en welke nazorg nodig is.” Bovendien wil de huisarts ook graag tussentijds informatie over de patiënt ontvangen, bijvoorbeeld bij het stellen van een belangrijke diagnose. Want dan staat de familie op de stoep! Over en weer kan de communicatie dus nog veel verbeteren.’

Wat gaat er nu met de richtlijn gebeuren?

‘We hopen natuurlijk dat die breed geïmplementeerd gaat worden en dan niet alleen door huisartsen maar ook door specialisten. Bij huisartsen gaat dat gemakkelijk, want veel van hen hebben al ervaring opgedaan met de eerste versie van de richtlijn. En zij hebben er ook veel baat bij, want tenslotte gaan er tienduizenden brieven per maand van huisartsen naar specialisten. Bij de tweede lijn is dat wat lastiger, zo leert de ervaring. Specialisten zien de brief aan de huisarts vaak als een soort verslaglegging. En sommigen van hen hebben een houding van: “Zijn jullie nou helemaal mal dat je voor ons een richtlijn maakt!” Maar gelukkig past het grootste deel van hen zich graag aan de wensen van de huisarts aan. Uiteindelijk is het voor iedereen gemakkelijker als je altijd dezelfde soort brieven krijgt en je dus in één oogopslag je relevante informatie weet te vinden.’

Worden de brieven dus geïntegreerd in het HIS?

‘Ja, het zou fijn zijn als de HIS’en onze brieven volgens de nieuwe richtlijn als standaard gaan inbouwen. Dat is al het geval in “Zorgdomein”, een applicatie die veel huisartsen gebruiken en zij krijgen dus onze brief automatisch voorgeschoteld. Maar ook in ziekenhuizen moeten de brieven worden geïmplementeerd. We proberen hen ervan te overtuigen dat het goed is als alle specialismen precies dezelfde brieven gaan maken. We gaan hen nog wel warm krijgen voor onze vorm van communicatie!’ (AS)

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen