Praktijk

Wat moet de huisarts ervan weten?

Gepubliceerd
10 november 2007

Samenvatting

Per 1 juli 2007 is de nieuwe geneesmiddelenwet in werking getreden (zie het Staatsblad, 20 maart 2007). Ongewijzigd blijft hierin de positie van de apotheekhoudende huisarts. Ook is opnieuw vastgelegd dat één apotheker slechts verantwoordelijk kan zijn voor één apotheek. De voor de huisarts belangrijkste wijzigingen worden onderstaand kort weergegeven.

Het voorschrijven via internet is aan banden gelegd

In artikel 67 wordt het voorschrijven van geneesmiddelen verboden als een van de volgende omstandigheden zich voordoet:

  • de voorschrijver heeft de desbetreffende persoon nog nooit ontmoet;
  • de voorschrijver kent de persoon niet;
  • de voorschrijver heeft de medicatiehistorie niet beschikbaar.

De voorwaarden voor off-label voorschrijven zijn aangescherpt

De wet bepaalt in artikel 68 dat het voorschrijven van geneesmiddelen buiten de geregistreerde indicatie alleen is toegestaan als daarover binnen de beroepsgroep protocollen of standaarden zijn ontwikkeld. Is dat (nog) niet het geval, dan is overleg tussen voorschrijver en apotheker noodzakelijk. Het NHG-Standpunt Off-label voorschrijven van geneesmiddelen is daarom gewijzigd (zie pag. 616).

Voorschrijven door verpleegkundigen wordt mogelijk

Gelijktijdig is ook de Wet Beroepen in de individuele gezondheidszorg (BIG) aangepast. Nieuw is dat het voorschrijven van ‘recept’-geneesmiddelen een zogeheten voorbehouden handeling wordt.Noot 1 Echter, voorschrijven is niet (zoals andere voorbehouden handelingen) overdraagbaar aan derden. Wel kan de minister onder voorwaarden beperkte voorschrijfbevoegdheid toewijzen aan bepaalde categorieën verpleegkundigen. Gespecialiseerde longverpleegkundigen kunnen bijvoorbeeld de bevoegdheid krijgen om astmamiddelen voor te schrijven, maar alleen als de diagnose door een arts is gesteld en als het voorschrijven volgens bestaande protocollen gebeurt. Deze bevoegdheid zal niet gelden voor praktijkondersteuners. Overigens zijn er op dit moment nog geen categorieën verpleegkundigen aangewezen.

Het melden van bijwerkingen is verplicht gesteld

Artikel 78 introduceert een verplichting om ernstige bijwerkingen van geneesmiddelen te melden bij het Nederlands bijwerkingen Centrum Lareb (www.lareb.nl). Ernstig zijn die bijwerkingen die leiden tot ziekenhuisopname, invaliditeit, arbeidsongeschiktheid, aangeboren afwijkingen, een levensbedreigende situatie of overlijden.

Financiële belangenverstrengeling tussen arts en apotheker is verboden

Artikel 11 bevat een aangescherpt verbod op financiële belangenverstrengeling tussen beroepsbeoefenaren in de zorg. Het is voorschrijvers en apothekers verboden om rechtstreeks of indirect met elkaar overeenkomsten of andere vormen van samenwerking aan te gaan die kunnen leiden tot het voorschrijven van medicijnen uit andere overwegingen dan die van een goede geneesmiddelenvoorziening. Zo is het verboden dat artsen en apothekers op commerciële gronden afspraken maken over de keuze van bepaalde geneesmiddelen.

De relatie tussen apotheker en patiënt is een ‘behandelingsrelatie’ geworden

Op de relatie tussen apotheker en patiënt is de geneeskundige behandelingsovereenkomst van toepassing. Deze regelt de rechten en plichten tussen een beroepsbeoefenaar en een patiënt, zoals beschreven in de artikelen 446 tot en met 468 van Boek 7 (dit is de WGBO) van het Burgerlijk Wetboek. Hiermee heeft de apotheker formeel als ‘medebehandelaar’ een zorgverlenende rol gekregen, gericht op het verlenen van farmaceutische patiëntenzorg. De apotheker kan zo in samenwerking met de huisarts een zinvolle bijdrage leveren aan het op- of bijstellen van een farmacotherapieplan. Ook kan de huisarts met de apotheker afspreken dat deze bij patiënten met polyfarmacie een jaarlijkse medication review organiseert.

Een deel van de zelfzorggeneesmiddelen gaat in de vrije verkoop

Zelfzorggeneesmiddelen worden voortaan ingedeeld in drie categorieën:

  • Uitsluitend Apotheek (UA);
  • Uitsluitend Apotheek en Drogist (UAD);
  • Algemene Verkoop (AV).
De indelingscriteria hiervoor zijn wettelijk vastgelegd (artikel 58). Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) is belast met de indeling van zelfzorggeneesmiddelen in één van de drie categorieën. Op dit moment zijn er nog geen middelen in de UA-categorie ingedeeld. Zelfzorggeneesmiddelen die voor de inwerkingtreding van de wet verkrijgbaar waren bij de apotheek en de drogist, vallen nu in de categorie UAD. Het CBG heeft een lijst opgesteld van geneesmiddelen die in de AV-categorie (kunnen) worden ingedeeld (zie www.cbg-meb.nl).

Henk Folmer, huisarts, senior-wetenschappelijk medewerker NHG

Voetnoten

  • Noot 1.

    Voorbehouden handelingen mogen alleen door de arts worden uitgevoerd. Ook mag de arts voorbehouden handelingen delegeren aan personen die hij daartoe bekwaam acht. Wie een opdracht tot handeling krijgt, mag die alleen accepteren als hij voldoende bekwaam is om de opdracht naar behoren uit te voeren en moet bovendien toezicht en tussenkomst van de opdrachtgever aanvaarden. De arts blijft verantwoordelijk voor de (inhoud van) de opdracht. De opdrachtnemer is verantwoordelijk voor zijn inschatting van de eigen bekwaamheid en voor een correcte uitvoering. (Zie de KNMG-website: www.knmg.nl.)

Reacties

Er zijn nog geen reacties.

Verder lezen