Praktijk

Workshops communicatie en attitude: Huisartsen kijken opnieuw ‘naar hun eige…’

Gepubliceerd
10 juli 2004

De tweede dag van de WONCA-Conferentie vormt een herhaling van het succesvolle NHG-Congres uit 1999. Opnieuw vullen honderden en nog eens honderden huisartsen een van de enorme hallen van de RAI, waar zij in groepjes van zes plaatsnemen aan tafeltjes met een stemmachine. Midden in de hal is een groot podium waarop de presentaties worden gehouden. Op schermen is dat allemaal nog eens uitvergroot te zien. En zo begint wat voor velen het hoogtepunt van het congres wordt.

Workshop 1 – If you know what I mean…

Deze workshop gaat over het geven van voorlichting en advies en manieren om patiënten te betrekken in de besluitvorming. Met behulp van videofilmpjes wordt duidelijk wat er zoal kan misgaan bij het geven van voorlichting. De huisarts die zegt: ‘De uitslag is negatief’ tegen een ongeruste patiënt, die daar alleen maar nog erger van schrikt. Of juist: ‘De uitslag is positief’ tegen een jonge vrouw die helemaal niet zwanger wil zijn… En wat te denken van een minutenlange uitleg over de do's and don'ts bij een voetschimmeltje? Dan gaan de deelnemers aan de slag met het thema. Ze scoren hun eigen talenten op voorlichtingsgebied en worden wegwijs gemaakt in het belang van shared decision making, en informed choice. Regelmatig krijgen ze de gelegenheid tot discussie met de eigen tafelgenoten en stemmen ze over vragen. Voor een optimale arts-patiëntrelatie zijn goede communicatieve vaardigheden onontbeerlijk. Een te grote dominantie van de arts is daarbij niet goed, maar wel blijken patiënten een enigszins paternalistische houding op prijs te stellen. ‘Bedenk dat mensen drastisch veranderen zodra ze patiënt worden, afhankelijk van de ernst van de aandoening.’ Als arts moet je op zoek naar de common ground waar een gelijkwaardige communicatie mogelijk is met respect voor beider positie. ‘Zo gaan we van patiëntgerichte geneeskunde naar interactiegerichte geneeskunde.’ Er zijn vele manieren om de eigen communicatieve vaardigheden te verbeteren:

  • reflecteren over persoonlijke ervaringen;
  • naar een communicatietraining gaan;
  • een boek lezen over communicatieve vaardigheden;
  • video's bekijken van de eigen consulten;
  • zelf onderwijs geven over communicatieve vaardigheden;
  • discussiëren over communicatie in huisartsen-, kwaltiteits-, Balintgroepen enzovoort.
Het bekijken van video's van de eigen consulten is van dit rijtje het meest effectief, maar bijna altijd is een combinatie van meerdere methoden het best. De workshop wordt afgesloten met een aantal take home messages.

Workshop 2 – Am I supposed to think that's normal…?

In deze workshop wordt aandacht gegeven aan de invloed van persoonlijke waarden en normen en referentiekaders op het werk van de huisarts. Met een videofilmpje wordt aangetoond hoezeer de Nederlandse samenleving is veranderd in de afgelopen veertig jaar. Is dat in andere Europese landen ook zo? En slagen de aanwezige huisartsen erin om hun multiculturele patiëntenpopulatie adequaat tegemoet te treden? Er wordt weer gestemd over diverse vragen, waaruit blijkt dat de deelnemers wel inzien dat hun kennis van de allochtone patiënt lang niet altijd optimaal is. ‘Dat kan ook niet’, klinkt vanaf het podium, ‘daarvoor worden we met een veel te grote diversiteit geconfronteerd. Maar wel is het van belang te weten dat het eerste contact met een (allochtone) patiënt van eminent belang is. Dan kan de basis worden gelegd voor een goede arts-patiëntrelatie, of juist het contact voorgoed worden verpest. Een eerste kennismaking doe je maar één keer. Ook is het goed je te realiseren dat bij video-opnamen van consulten voor de Tweede Nationale Studie is aangetoond dat autochtone en westerse patiënten anders worden benaderd dan niet-westerse. Laatstgenoemden krijgen minder medisch-inhoudelijke informatie, worden minder empathisch bejegend, en er is minder aandacht voor gezamenlijke besluitvorming en psychische gevolgen. De niet-westerse patiënt is dan ook minder tevreden over de huisarts. ‘Cherish your guidelines, but never forget to listen to your patients. They are beautiful people!’ Ook deze workshop wordt afgesloten met take home messages.

Workshop 3 – Oops…, I'm so sorry!

Fouten maken we allemaal. Maar dan? In deze workshop wordt gekeken naar het omgaan met fouten en klachten in de huisartsenpraktijk. Na een videofilmpje van huisartsen die vertellen over hun ervaringen, angsten en leerpunten, wordt door de zaal gestemd. Zijn er huisartsen aanwezig die nog nooit een fout hebben gemaakt? ‘Ja’, zegt ruim 10 procent; een cijfer dat met enig ongeloof wordt bekeken. Gelukkig voelt bijna 93 procent zich voldoende op zijn gemak om met collega's over gemaakte fouten te praten. Daar krijgen de deelnemers aan hun eigen tafeltjes vervolgens alle gelegenheid voor. Bij fouten zijn er vaak veel verschillende elementen die samen opgeteld zorgen dat een risico ook een fout geeft. Vroeger kreeg vaak de persoonsgerichte benadering de nadruk: error prone persons die door hun onzorgvuldige, roekeloze gedrag fouten veroorzaken. Nu is er meer aandacht voor error prone situations. Voordeel hiervan is dat procedures en situaties veel gemakkelijker te veranderen zijn dan mensen. Bovendien, uit Duits onderzoek blijkt dat 80 procent van de fouten procedureel is, en 20 procent een gevolg van gebrek aan vaardigheden of kennis. Een aantal aspecten is van groot belang bij het omgaan met fouten: - het contact met de patiënt gaande houden; - (bijna-)fouten bespreken met collega's (op die manier leren alle partijen ervan); - lering trekken uit het voorval en de praktijkorganisatie zodanig aanpassen dat herhaling wordt voorkomen. Met ook de take home messages van deze workshop is een einde gekomen aan deze megaworkshops over communicatie en attitude. Een even groot succes als vijf jaar geleden, zo blijkt uit de enthousiaste reacties van de deelnemers! (AS)

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen