Nieuws

Zorggebruik bij multimorbiditeit

0 reacties
Patiënten met chronische ziekten zijn frequente bezoekers van de huisartsenpraktijk. Als er sprake is van verschillende chronische ziekten (multimorbiditeit) neemt de bezoekfrequentie verder toe. Multimorbiditeit gaat niet alleen gepaard met regelmatig bezoek aan de huisarts, maar ook met polyfarmacie (voor dit onderzoek gedefinieerd als het gebruik van 10 of meer geneesmiddelen), zorg van andere eerstelijnszorgverleners, behandeling door medisch specialisten en ziekenhuisopnames. Maar geldt dat voor alle patiënten met multimorbiditeit in dezelfde mate? Zijn er groepen te onderscheiden die heel veel of juist weinig zorg gebruiken, en welke patiënten zijn dat? Om deze vragen te beantwoorden, analyseerden we gegevens over het zorggebruik van 4693 patiënten met multimorbiditeit uit 130 huisartsenpraktijken. Het betrof gegevens uit 2010 over contacten met de huisartsenpraktijk, voorgeschreven geneesmiddelen en ziekenhuisopnames (inclusief dagopnames) [tabel].
TabelZorggebruik en kenmerken van drie groepen patiënten met multimorbiditeit in 2010 (n = 4693)
Gemiddeld(n = 3777)Veel(n = 843)Zeer veel(n = 73)
ZorggebruikContacten met de huisartsenpraktijk: aantal per jaar (gemiddeld)3,614,934,5
Voorgeschreven geneesmiddelen:aantal per jaar (gemiddeld)3,89,213,8
KenmerkenGeslacht (% vrouw)54%66%75%
Leeftijd (gemiddeld, jaar)546672
Aantal chronische ziekten (gemiddeld) 2,52,83,0

Subgroepen van patiënten

Op basis van statistische analyses konden we drie subgroepen van patiënten met multimorbiditeit identificeren met ieder een eigen patroon van zorggebruik (‘gemiddeld’, ‘veel’ en ‘zeer veel’; [figuur]). Het zorggebruik van de eerste, verreweg de grootste groep (80% van de patiënten) is gemiddeld te noemen met 3,6 contacten met de huisartsenpraktijk en 3,8 voorgeschreven geneesmiddelen per jaar. Van hen werd 18% in 2010 ten minste één keer opgenomen in het ziekenhuis. Het zorggebruik in de tweede en derde groep (respectievelijk 18% en 2% van de patiënten met multimorbiditeit) was veel hoger. Vooral het aantal contacten met de huisartsenpraktijk (respectievelijk 14,9 en 34,5 per jaar), het aantal patiënten met polyfarmacie (respectievelijk 42% en 80%) en met minstens één ziekenhuisopname in 2010 (respectievelijk 39% en 66%) waren opvallend, respectievelijk extreem hoog. Vervolgens vergeleken we de kenmerken van deze drie groepen patiënten. Daaruit bleek dat de twee groepen patiënten met het meeste zorggebruik relatief meer vrouwen bevatten, gemiddeld ouder waren, en vaker uit lagere sociaal-economische klassen afkomstig waren. Deze patiënten hadden ook meer chronische ziekten. Het patroon van de 29 onderzochte chronische ziekten verschilde niet veel tussen de drie groepen, al kwamen diabetes mellitus, COPD, artrose, osteoporose en hartfalen significant vaker voor in de twee groepen met het meeste zorggebruik.

Conclusie

Het zorggebruik van patiënten met multimorbiditeit is niet voor al deze patiënten gelijk: circa 20% van de patiënten met multimorbiditeit gebruikt duidelijk meer zorg dan de resterende 80%. Nader onderzoek zal moeten uitwijzen of deze patiënten met (extreem) hoog zorggebruik eenvoudig te identificeren zijn. Ervan uitgaande dat het gebruik van zorg de zorgbehoefte van patiënten weergeeft, is het de moeite waard om te anticiperen op mogelijke problemen bij patiënten met het meeste zorggebruik. Daarbij v alt bijvoorbeeld te denken aan afstemming van de behandeling tussen huisarts en medisch specialist, of een medicatiereview vanwege mogelijke medicatieproblemen. Op grond van dit onderzoek lijkt de kans daarop groter bij oudere vrouwen, uit lagere sociaal-economische klassen met een groter aantal chronische ziekten.

Colofon

Dit artikel is gebaseerd op: Hopman P, Heins MJ, Rijken M, Schellevis FG. Health care utilisation of patients with multiple chronic diseases in The Netherlands: Differences and underlying factors. Eur J Intern Med (2015), http://dx.doi.org/10.1016/j.ejim.2015.02.006.
Voor de hier beschreven analyses is gebruikgemaakt van gegevens uit 2010 van 130 huisartsenpraktijken die deelnemen aan NIVEL Zorgregistraties eerste lijn. Deze gegevens zijn gekoppeld aan gegevens van Dutch Hospital Data (www.dutchhospitaldata.nl) en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). De koppeling en verwerking van de gegevens vond plaats conform de Wet Bescherming Persoonsgegevens.

Reacties

Er zijn nog geen reacties