Main content

Daling boulimia nervosa in huisartsenpraktijk

Auteur: Frédérique Smink, Gé Donker, Daphne van Hoeken, Hans Wijbrand Hoek

Eetstoornissen, zoals anorexia nervosa en boulimia nervosa, zijn ernstige psychiatrische aandoeningen die meestal ontstaan in de adolescentie. Bij anorexia nervosa is – naast voedselbeperking en een gestoord lichaamsbeeld – amenorroe vaak een van de vroege symptomen. Over de oorzaken van eetstoornissen is relatief weinig bekend. Onderzoeken die langetermijntrends in de frequentie van stoornissen onderzoeken, kunnen maatschappelijke en socioculturele risicofactoren blootleggen en invloed hebben op beleid. Uit onderzoek blijkt dat het aantal nieuwe patiënten met boulimia nervosa is afgenomen. Het aantal patiënten met anorexia is gelijk gebleven.

De incidentie van boulimia nervosa nam substantieel af in de afgelopen drie decennia (van 8,6 per 100.000 persoonsjaren in 1985-1989 tot 6,1 in 1995-1999 en 3,2 in 2005-2009). De incidentie van anorexia nervosa bleef echter relatief stabiel (7,4 per 100.000 persoonsjaren in 1985-1989; 7,8 in 1995-1999 en 6,0 in 2005-2009 (zie figuur 1). Boulimia nervosa is waarschijnlijk gevoeliger voor socioculturele ontwikkelingen die zich in de afgelopen drie decennia hebben voorgedaan, zoals de stijging van het gemiddelde BMI van de algemene bevolking. Overgewicht is ‘normaler’ geworden. Dit vermindert mogelijk de druk tot compenseren voor eetbuien. Dit compensatiegedrag is juist de kern van boulimia nervosa. Andere oorzaken voor de daling van boulimia nervosa zijn mogelijk de opkomst van preventiemaatregelen en de beschikbaarheid van – tegenwoordig vooral online – zelfhulpprogramma’s.

Schaamte van de patiënt kan echter een grote rol spelen bij het al dan niet uiten van de  symptomen van boulimia nervosa. Attent zijn op signalen blijft dus belangrijk voor huisarts en praktijkondersteuner, omdat een vroege diagnose en behandeling een betere prognose geeft.

Smink FRE, Van Hoeken D, Donker GA, Susser ES, Oldehinkel AJ, Hoek HW. Three decades of eating disorders in Dutch primary care: decreasing incidence of bulimia nervosa but not of anorexia nervosa. Psychological Medicine 2016;46:1189-96.

reacties (0)