Nieuws

Bevorderen psychosociale factoren het ontstaan van hypertensie?

Gepubliceerd
20 december 2003

Ongeduld en ergernis leiden op den duur tot hypertensie, dat blijkt uit onderzoek van Yan et al. Deze onderzoekers onderscheiden in navolging van anderen 3 dimensies in type-A-gedrag: hostility, time urgency/impatience en achievement striving/ competetiveness, ruwweg te vertalen als vijandigheid, ongeduld en prestatiegerichtheid. Dergelijk gedrag zou leiden tot coronaire hartziekten, maar heel hard zijn de gegevens niet. Voorspellen deze factoren het ontstaan van hypertensie? Ze onderzochten dergelijk gedrag in een groot prospectief cohortonderzoek bij ruim 3000 jongvolwassenen zonder hypertensie en zonder cardiale ziekte.2 Na 15 jaar bleek dat hypertensie voorkwam bij 15% van de deelnemers aan het oorspronkelijke cohort. Degenen die bij aanvang van het onderzoek het hoogst scoorden op ‘ongeduld’ en ‘vijandigheid’ hadden na 15 jaar ongeveer tweemaal zo vaak hoge bloeddruk. Mensen die zowel op ‘ongeduld’ als op ‘vijandigheid’ hoog scoorden, hadden de hoogste risico's. Prestatiegerichtheid, depressie en angst leidden niet tot het vaker voorkomen van hypertensie. Een interventie gericht op de twee dimensies van type-A-gedrag kan wellicht leiden tot een vermindering van het aantal hypertensiepatiënten en – mogelijk en hopelijk – tot een aanzienlijke reductie van het aantal mensen met coronaire hartziekte en CVA's. Misschien een nuttige aanvulling op de eerdere polypill uit de BMJ. (PL)

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen