Nieuws

Compliance vraagt aandacht

Gepubliceerd
10 september 2005

Tweederde van de mensen die een antihypertensivum (AH) en cholesterolverlager (CV) starten, slikt ten minste één van beide middelen na een halfjaar niet meer. Dat is de uitkomst van een retrospectief cohortonderzoek dat tussen 1996 en 2001 in Amerika is gehouden. De onderzoekers sloten 8406 patiënten uit een HMO in. Het gevonden percentage voor therapietrouw lijkt mij nog aan de hoge kant gezien het feit dat de onderzochte populatie commercially insured (particulier verzekerd) was, en de onderzoekers niet nagingen of de pillen in de wc verdwenen. Het onderzoek was gelukkig niet alleen opgezet om de compliance voor duo-medicatie vast te stellen. Een belangrijke vraag was ook wat iemand therapietrouw maakt. De gevonden voorspellers voor compliance aan AH en CV zijn praktisch. Als AH en CV allebei nodig zijn, start ze dan tegelijk. Dit verbeterde de therapietrouw met 30%. Minder beïnvloedbaar, maar gunstig voor de compliance is het als uw patiënt een man tussen 55 en 65 jaar is die geen of weinig andere middelen slikt. Het bleek een (dubieus) voordeel voor compliance te zijn als de patiënt recent een cardiovasculaire gebeurtenis meegemaakt had, zoals myocardinfarct of CVA. Ten slotte bleek de factor tijd dodelijk voor compliance te zijn: meer dan de helft van de mensen slikte na de eerste 3 maanden ten minste één van de middelen niet meer. Ik denk dat wij, dokters, de hand in eigen boezem moeten steken. Wie betrekt zijn patiënt echt in het besluit om te starten met medicatie? Kunt u duidelijk uitleggen wat die individuele patiënt ermee opschiet? Waarom zou iemand pillen slikken, wat hij wél merkt, voor iets wat hij niet opmerkt? Weet u überhaupt of hij last heeft van bijwerkingen? Gaat u regelmatig na of uw patiënt nog gemotiveerd is om zijn pillen te slikken? Eén ding blijkt weer uit dit onderzoek: pillen starten zonder aandacht voor compliance is half werk. (MFdW)

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen