Nieuws

Immunotherapie voor allergische klachten; belangen niet transparant

Gepubliceerd
29 februari 2016
Huisarts en Wetenschap is voor veel huisartsen een belangrijke bron van nascholing. Bij het volgen van nascholing wil de kijker (of lezer in dit geval) meteen weten of de docent (of auteur in dit geval) een mogelijke belangenverstrengeling heeft. Bij live nascholing dient dit tegenwoordig verplicht op de eerste slide te worden vermeld. Bij een artikel dient mogelijke belangenverstrengeling te worden vermeld bij het indienen van de eerste versie, en zeker bij de publicatie zelf. Redactie, referenten en lezers kunnen deze informatie dan meenemen in de weging van de aanbevelingen. Want als je werkt bij WC-Eend, of vooral poetst met WC-Eend, dan is de kans groter dat je het gebruik van WC-Eend gaat adviseren.
Ik las het nascholingsartikel ‘Immunotherapie voor de huisarts’ en werd verrast door de positieve toonzetting over sublinguale immunotherapie (SLIT) voor allergische conjunctivitis en rhinitis.1 Ik lees dat we mede op basis van (ongepubliceerde) groepsinterviews met verschillende beroepsgroepen bij een brede groep patiënten SLIT dienen te bespreken én zelf kunnen toepassen. Over kosteneffectiviteit lees ik niets.2 En ook over kosten lees ik niets. Een maand tabletten kost ongeveer 100 Euro, waarbij de patiënt de behandeling 3 jaar lang moet volgen. Verder staat me een recent literatuuroverzicht voor ogen dat juist aangeeft dat de gevonden effecten wel heel klein zijn.3
Bij de mogelijke belangenverstrengeling van de auteurs van dit artikel staat: niets aangegeven. Volgens het transparantieregister (www.transparantieregister.nl), opgezet om de financiële relaties van zorgaanbieders met farmaceutische bedrijven inzichtelijk te maken, heeft de eerste auteur over de afgelopen 3 jaar in totaal 10 betalingen ontvangen van farmaceut ALK-Abello, varierend van 560 tot 5700 euro per keer. Deze betalingen zijn door ALK-Abello − de grootste leverancier van SLIT-medicatie in Nederland − verricht in het kader van dienstverlening als spreker, voor niet-WMO-plichtig onderzoek, voor consultancy, en voor een rol in een adviesraad.
Dit is op zijn minst mogelijke belangenverstrengeling. H&W vraagt letterlijk aan auteurs: ‘Heeft u in de afgelopen vijf jaar enige financiële tegemoetkoming gehad van een organisatie of bedrijf dat belang kan hebben bij de resultaten van uw onderzoek, of de inhoud van uw beschouwing, nascholingsartikel, commentaar of review?’ Dat de auteur dit niet heeft vermeld aan redactie, referenten en dus aan de lezers, past niet bij H&W als betrouwbare én transparante bron van nascholing.
Jochen Cals, huisarts
Mogelijke belangenverstrengeling: geen

Antwoord

Ik wil collega Cals danken voor zijn ingezonden brief, waarin hij er terecht op wijst dat ik de belangenverstengeling niet transparant genoeg heb gemaakt voor de lezers van Huisarts en Wetenschap.
Als allergoloog, werkend in het Delfts Allergie Centrum en met veel expertise op het gebied van immunotherapie, word ik regelmatig gevraagd voor lezingen, geaccrediteerde nascholingen, FTO’s en wetenschappelijk onderzoek op dit gebied. In de afgelopen vijf jaar heb ik dit gedaan voor verschillende firma’s die allergeenextracten produceren voor diagnostiek en behandeling (te weten ALK-Abello, Stallergenes en Thermofischer). De ontvangen vergoeding heb ik vervolgens geïnvesteerd in nascholing en nieuw wetenschappelijk onderzoek op het gebied van de kinderallergologie.
Dit neemt niet weg dat ik samen met collega Van Bentveld op de uitnodiging van H&W ben ingegaan om een praktisch toepasbaar, onafhankelijk artikel te schrijven over immunotherapie in de huisartsenpraktijk. Dit omdat veel huisartsen deze therapie geven of willen gaan geven en de standaarden op dit gebied niet meer actueel zijn. Wij hebben dan ook op verzoek het recente bewijs voor effectiviteit van met name SLIT opnieuw getoetst en beschreven in het artikel, niet beïnvloed door welke firma dan ook. Het artikel is vervolgens drie keer herschreven, met commentaar van de referenten en redactie, om de nuance voor de huisarts en het beschikbare bewijs zo helder mogelijk te hebben. Tevens hebben we gemeend in de kernpunten aandacht te moeten vragen voor een update van de standaarden die over immunotherapie gaan.
Dat ik bovengenoemde mogelijke belangenverstrengeling niet heb vermeld, is echter niet juist geweest voor de redactie en de lezers, en hiervoor bied ik dan ook mijn excuses aan. Collega Van Bentveld gaf nogmaals aan geen belangenverstrengeling te hebben.
Hans de Groot, allergoloog

Literatuur

  • 1.De Groot H, Van Bentveld R. Immunotherapie voor de huisarts. Huisarts Wet 2015;10:542-6.
  • 2.Meadows A, Kaambwa B, Novielli N, Huissoon A, Fry-Smith A, Meads C, et al. A systematic review and economic evaluation of subcutaneous and sublingual allergen immunotherapy in adults and children with seasonal allergic rhinitis. Health Technol Assess 2013;17:27.
  • 3.Di Bona D, Plaia A, Leto-Barone M, La Piana S, Di Lorenzo G. Efficacy of grass pollen allergen sublingual immunotherapy tablets for seasonal allergic rhinoconjunctivitis. A systematic review and meta-analysis. JAMA Intern Med 2015;175:1301-9.

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen