Nieuws

Interventies voor minder chronisch opiatengebruik

0 reacties
Gepubliceerd
12 september 2018
Ook in Nederland is chronisch, medicinaal opiatengebruik een groeiend probleem. Er bestaan diverse afbouwbehandelingen zoals mindfulness, acupunctuur en cognitieve gedragstherapie, maar de effecten hiervan zijn wisselend. Voorkomen van chronisch gebruik door terughoudendheid bij (herhaald) voorschrijven blijft van belang. Dat is de conclusie van een Cochrane-review over een klein aantal onderzoeken.

De auteurs keken naar de groeiende groep patiënten die langdurig opioïden gebruiken tegen chronische, niet-kankergerelateerde pijn. Zeker wanneer de pijnstilling onbevredigend is, kan de wens of de noodzaak ontstaan om het opioïdengebruik te verminderen. Verschillende zorgaanbieders bieden hulp bij verslaving aan opioïden, maar welke behandeling is effectief?

Hierover zijn vijf gecontroleerde onderzoeken gepubliceerd, met in totaal 278 volwassen deelnemers, voornamelijk vrouwen van gemiddeld 50 jaar oud, met verschillende soorten chronische pijn waaronder hoofdpijn en rugpijn. De behandelingen bestonden uit mindfulness, acupunctuur en cognitieve gedragstherapie. Uiteindelijk waren de effecten wisselend. Ook gezien de kleine omvang van en heterogeniteit tussen de onderzoeken is het bewijs onvoldoende. Verder werden ongunstige bijeffecten onvoldoende gerapporteerd. Het is daarom onduidelijk of deze behandelingen helpen bij verlagen van opioïdengebruik (de primaire uitkomst) en verbeteren van functioneren of stemming (secundaire uitkomsten). Observationele onderzoeken (niet in deze review) suggereren dat intensieve revalidatietraining wel helpt. Gezien de ernstige bijeffecten van opioïdenverslaving is dringend meer (literatuur)onderzoek nodig, zo geven de auteurs aan. In elk geval lijkt terughoudendheid met (herhaald) voorschrijven van morfine bij chronische pijn op zijn plaats.

Literatuur

  • Eccleston C, et al. Interventions for the reduction of prescribed opioid use in chronic non-cancer pain. Cochrane Database Syst Rev 2017;11:CD010323. Doi: 10.1002/14651858.CD010323.pub3.

Reacties

Er zijn nog geen reacties