Nieuws

Niet-pluisgevoel is wel pluis

0 reacties
Gepubliceerd
3 september 2014
De meeste aandoeningen die de huisarts dagelijks tegenkomt zijn niet ernstig of gaan vanzelf weer over. ­Patiënten met een ernstige ziekte melden zich vaak in een vroeg stadium met vage klachten bij de huisarts. Recent onderzoek laat zien dat het niet-pluisgevoel van de huisarts van belang is om ernstige aandoeningen vroeg te detecteren.
Huisartsen (n = 404) in Denemarken registreerden van één willekeurige werkdag alle patiëntcontacten. Van deze contacten (n = 4518) legden ze patiëntgegevens vast en de aanwezige vermoedens van kanker en andere ernstige aandoeningen. In de Deense gezondheidsregistratie werd vervolgens nagegaan in hoeverre die vermoedens bewaarheid werden in de 6 maanden na het consult.
De huisartsen vermoedden bij 256 (5,7%) patiënten kanker of een andere ernstige aandoening. De leeftijd van deze patiënten was hoger, er werd vaker aanvullend onderzoek verricht en ze werden vaker verwezen naar de tweede lijn of teruggezien voor een vervolgconsult. Uiteindelijk werd bij 42 van deze patiënten binnen 6 maanden inderdaad de diagnose kanker of een andere ernstige ziekte gesteld (positief voorspellende waarde: 16,4%). Als de huisarts geen niet-pluisgevoel had, bleek dit in 93,5% te kloppen (negatief voorspellende waarde). Buiten beschouwing bleef het verband tussen aantal jaren werkervaring en de voorspellende waarde van het gevoel.
Wat kunnen we hier in de praktijk mee? Het is nuttig om te weten dat ongeveer 1 op de 17 consulten een vermoeden van ernstige ziekte oproept. Bij zo’n niet-pluisgevoel is het risico op een ernstige aandoening inderdaad behoorlijk groot. Het zou goed zijn als collega’s in de tweede lijn hier ook waarde aan hechten, al zijn de symptomen meestal nog vaag.
Nog betrouwbaarder is de afwezigheid van het niet-pluisgevoel: het risico op ernstige ziekte is in die gevallen erg laag. Geruststelling van patiënten is met andere woorden meestal terecht.
Tobias Bonten

Literatuur

  • 1.Hjertholm P, et al. Predictive values of GP’s suspicion of serious disease: a population-based follow-up study. Br J Gen Pract 2014;64:e346-53.

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen