Nieuws

Redactioneel

Gepubliceerd
20 mei 2007

De ggz gaat veranderen. Kortdurende zorg gaat in 2008 waarschijnlijk van de AWBZ naar de zorgverzekering en zou bovendien moeten verschuiven van de tweede naar de eerste lijn. Huisartsen, maatschappelijk werkers en eerstelijns-psychologen moeten die zorg gaan leveren, en de huisartsenpraktijk zou worden uitgebreid met een ‘praktijkondersteuner ggz’. Waaruit bestaat die eerstelijns-ggz? Hoeveel gesprekken zijn er nodig bij een depressie? Wat is de effectiviteit van een behandeling van overspanning? Brouwers et al. (pagina 238) tonen in dit nummer aan dat een activerende behandeling van overspanning door eerstelijns maatschappelijk werkers gericht op het terugdringen van ziekteverzuim niet effectiever is dan de gebruikelijke huisartsenzorg. Maar is die ‘gebruikelijke huisartsenzorg’ voldoende omschreven? Kunnen huisartsenpraktijken die eerstelijns-ggz wel leveren? Van Hout et al. (pagina 253) onderzochten een klein stukje van de huisartsenzorg voor dementerenden. De diagnose was veelal juist gesteld, maar huisartsen bejegenden patiënten met een beginnende dementie en hun verzorgers ambivalent. Zij lieten de patiënten vaak in onwetendheid, maar brachten de mantelzorgers meestal wel op de hoogte. De kwaliteit van de eerstelijns-ggz kan nog wel wat verbeterd worden. Het NHG organiseert samen met de afdeling Huisartsgeneeskunde van het AMC op vrijdag 15 juni de NHG-Wetenschapsdag. Het thema is diagnostiek in de huisartsenpraktijk. In dit nummer kunt u zich vast inlezen: u treft de samenvattingen van de 24 voordrachten aan. Naast traditionele onderwerpen als luchtwegaandoeningen en hart- en vaatziekten zijn er ook verslagen van onderzoek in de eerstelijns-ggz. Huisarts en Wetenschap zal dat alles op de voet volgen.

De interim-redactie

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen