Nieuws

Wilsverklaring

Gepubliceerd
10 oktober 2002

In H&W van mei 2002 schreef Marijke Boorsma een prachtig artikel over de wilsverklaring in de huisartsenpraktijk. Zij beschrijft de gevoelens van onbehagen die haar bekruipen als een patiënt zijn wensen rond de dood in de verre toekomst kenbaar maakt: een verzoek zonder ziekte geeft haar een ongemakkelijk gevoel. Ook wijdt zij beschouwingen aan de thema‘s autonomie en de moderne dood, nog niet ziek, en het conflict van plichten. Dat zijn alledrie problematische thema‘s waaraan niet genoeg aandacht besteed kan worden. Dit geldt des te meer als dat gebeurt door een arts die zelf geen tegenstander is van euthanasie; dan levert dat stof tot reflectie. Er was echter één facet dat onderbelicht bleef in het betoog. De wilsverklaring wordt niet alleen opgesteld met het oog op toekomstig ondraaglijk lijden, maar ook om de dokter een handvat te geven voor situaties waarin de patiënt plotseling wilsonbekwaam is geworden. Een afschrikwekkend voorbeeld voor veel mensen is het verkeersongeluk waardoor iemand in coma raakt of in een permanente vegetatieve toestand komt te verkeren die geen uitzicht biedt op terugkeer tot een voor deze persoon redelijke en waardige levensstaat.

Levensbeëindiging zonder verzoek van een comapatiënt is nauwelijks te rechtvaardigen. In dat licht is het dus niet zo gek dat ‘Een jonge man, goed in het pak en met een goed verzorgd uiterlijk’ die zich komt voorstellen aan de arts, bij het weggaan nog even meldt dat er een euthanasieverklaring in zijn dossier zit. Hij heeft nagedacht over een mogelijk toekomstscenario. Voor een mogelijke situatie waarin hij zijn wil niet meer kenbaar zal kunnen maken heeft hij een en ander op papier gezet. Dat is een van de belangrijkste functies van de wilsverklaring!

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen