Nieuws

Antibioticakuren duren vaak te lang

2 reacties
Gepubliceerd
1 april 2019
Reduceren van onnodige of overmatige (langdurende) antibioticavoorschriften is een belangrijke pijler in de strijd tegen antibioticaresistentie. Brits observationeel onderzoek laat zien dat vooral bij luchtweg- en urineweginfecties antibioticakuren vaak langer worden voorgeschreven dan aanbevolen in de richtlijnen.

Onderzoekers bekeken de duur van antibioticakuren in een representatieve, elektronische database (THIN) van Britse huisartsen tussen 1 januari 2013 en 31 december 2015. Zij selecteerden ruim 930.000 consulten (20% van alle eerstelijns antibioticavoorschriften). De meest voorkomende indicaties waren acuut hoesten en bronchitis (41,6%), acute keelpijn (25,7%), OMA (8,9%), acute sinusitis (8,2%), cellulitis (5,9%) en cystitis (5,7%).

Antibiotica werden vooral bij respiratoire infecties (inclusief OMA) te lang voorgeschreven (80% van de episodes), met uitzondering van acute sinusitis (9,6%). Bij gastro-enteritis was het percentage 6,3% of 53,3%, afhankelijk van het afkappunt dat de onderzoekers hanteerden: 5 of 7 dagen. Bij de overige indicaties was het percentage te lange kuren beduidend lager dan bij luchtweginfecties, maar nog steeds behoorlijk hoog. Bij pyelonefritis 20%, bij vrouwen met cystitis 55% (bij mannen 4%), bij impetigo 10% en bij cellulitis 14%. Er was geen verschil in de duur van de kuur bij kinderen ten opzichte van volwassenen. De mediane duur van overschrijding van het richtlijnadvies was 2 tot 3 dagen voor de respiratoire indicaties, 4 dagen voor cystitis bij vrouwen en 7 dagen voor cystitis bij mannen en cellulitis. De resultaten bleven vergelijkbaar in sensitiviteitsanalyses waarbij de onderzoekers corrigeerden voor patiënten met relevante comorbiditeiten, gebruik van immuunsuppressiva, of het gebruik van corticosteroïden (inhalatie danwel oraal). Zij definiererden gebruiksduur in het onderzoek als de duur zoals voorgeschreven bij uitgifte bij de apotheek. Mogelijk geeft dit een overschatting van het feitelijk gebruik.

Dit onderzoek laat zien dat de huisarts een belangrijke bijdrage kan leveren aan het terugdringen van onnodig lang antibioticagebruik door de richtlijnen beter te volgen. Daarmee wordt het totale antibioticagebruik gereduceerd.

Literatuur

  • Pouwels KB, et al. Duration of antibiotic treatment for common infections in English primary care: cross sectional analysis and comparison with guidelines. BMJ 2019;364:I440.

Reacties (2)

Marcel van Philips 2 april 2019
Er is één ding dat ik van microbiologen en apothekers in mijn opleiding en bij nascholingen nadien altijd goed heb onthouden. Als je antibiotica geeft, geef een adequate dosering (hoog genoeg) en lang genoeg behandelen. In dit artikel en meerdere artikelen wereldwijd is er discussie over de duur van de kuren. Je kunt niet alle antibiotica voorschriften en bijbehorende tijdsduren over één kam scheren. Echter, per indicatie gebied moet m.i. veel meer evidence komen en daaruit gevolgd richtlijnen om beleid, ook voor de eerste lijn aan te passen. De richtlijnen en nieuwsberichten van de NHG vind ik vaak hierin te kort schieten en van onvoldoende wetenschappelijk niveau. Daarnaast kan ik empirisch stellen dat simpelere antibioticakeuzen en daaraan gekoppelde kortere behandelduren, in de praktijk niet zelden tot onvoldoende klinische respons leiden. Twee voorbeelden: azitromycine 1x500mg voor 3 dagen bij luchtweginfecties is vaak (te) kort en nitrofurantoine bij UWI bij mannen is geen goede keuze, vanwege geringe penetratie in prostaatweefsel en is een 5-7 daagse kuur überhaupt te kort. In het laatste voorbeeld zijn de traditionele co-trimoxazol 2x960mg of chinolon antibiotica voor minstens 10 en maximaal 14 dagen nog immer de beste keuzes.
Rick van Uum 2 april 2019
Er bestaat inderdaad steeds meer discussie én kennis over de duur van antibioticakuren, en welk beleid voor welke indicatie/patiënt het beste is; een goede ontwikkeling denk ik. Voor de duidelijkheid voeg ik graag toe dat het bronartikel de duur van de antibioticakuren specifiek per indicatiegebied heeft bekeken, en de duur baseert op de recentste richtlijnen. De beschikbare wetenschappelijke literatuur varieert uiteraard per indicatie, maar desalniettemin zijn veel NHG-richtlijnen, zoals acuut hoesten en otitis media acuta bij kinderen, onderbouwd met state-of-the-art RCTs, niet zelden specifiek in de eerste lijn verricht. Wellicht ten overvloede, maar empirisch (n=1) onderzoek is zeer gevoelig voor allerlei vormen van bias, en richtlijnen worden daarom bij voorkeur gebaseerd op RCTs en meta-analyses (waar voorhanden). Onvoldoende klinische respons bij de individuele patiënt kan natuurlijk velerlei redenen hebben (bijv. virale oorzaak van LWI of ongevoeligheid van een pathogeen voor bepaalde types antibiotica), en onnodig gebruik van breedspectrumantibiotica kan leiden tot bijwerkingen en resistentieontwikkeling. Enige voorzichtigheid m.b.t. de keus van antibioticum, en de duur van een kuur, kan m.i. derhalve geen kwaad.

Verder lezen