Nieuws

Eindeloze bron van informatie

Gepubliceerd
10 januari 2009

In de eerste uitgave van Ziekten in de huisartspraktijk (1990) beschreef men voor het eerst wat er bij de huisarts gebeurt, wie er bij de huisarts komt, wat de diagnose is, op welk tijdstip patiënten komen, of patiënten al eerder zijn geweest, wat de huisarts doet bij een bepaalde klacht en wanneer de huisarts verwijst voor een bepaalde klacht. In die tijd was het vooral een handboek voor huisartsen in opleiding dat beschreef wat bij veel verschillende klachten de ‘goede’ huisartsgeneeskundige aanpak was. Maar met name gaf het inzicht in de incidentie en prevalentie in de huisartsenpraktijk van veel verschillende aandoeningen. Dat was een van de primaire doelen. De gegevens van de Nijmeegse Continue Morbiditeits Registratie (CMR) vormen samen met het Transitieproject uit Amsterdam (en andere netwerkgegevens) de basis voor de kennis van de epidemiologie in de Nederlandse huisartsgeneeskunde. Inmiddels is de vijfde druk van Ziekten in de huisartspraktijk verschenen. De huisartsgeneeskunde heeft sinds 1989 een enorme ontwikkeling doorgemaakt. We hebben inmiddels 87 NHG-Standaarden waarmee het huisartsgeneeskundig handelen goed is beschreven en wetenschappelijk is onderbouwd. Voor de vijfde druk zijn alleen morbiditeitgegevens van 1985-2006 gebruikt omdat de oudere gegevens niet meer actueel werden gevonden. De opbouw van het boek is overzichtelijk. In de inleiding beschrijft men de geschiedenis en de werkwijze van de CMR. Daarna komen in 13 hoofdstukken volgens de indeling van tracti de verschillende aandoeningen aan bod; zowel onderwerpen als diabetes, reumatoïde artritis en COPD als kleine aandoeningen (wratten en ingegroeide teennagels) worden besproken. Het boek maakt geen gebruik van literatuurverwijzingen. In de inleiding meldt men dat de teksten zijn ‘gestroomlijnd’ met de inhoud van de NHG-Standaarden. Waarop de teksten waarvan geen NHG-Standaard bestaat zijn gebaseerd, is onduidelijk. Over alle onderwerpen geeft men informatie over incidentie en prevalentie en over hoe het beloop is daarvan in de periode 1985 tot 2006. Het boek geeft ook informatie over hoe vaak in de huisartsenpraktijk bij overledenen een niet-natuurlijke dood is vastgesteld. Hier valt te lezen dat bijna de helft van de sterfgevallen thuis plaatsvindt, 10% in een verzorgingshuis, 8% in het verpleeghuis en de overigen (circa 30%) in het ziekenhuis. Ziekten in de huisartspraktijk bevat een eindeloze bron van informatie over ons handelen als huisarts. Het is niet alleen een van de beste bronnen om epidemiologische gegevens op te zoeken, het is ook een boek waar je eindeloos in kunt lezen en bladeren. Omdat dit boek een unieke beschrijving geeft van de Nederlandse huisartsgeneeskunde is mijn advies dat elke huisarts, die het boek nog niet (in recente druk) heeft, dit standaardwerk moet aanschaffen.

Just Eekhof

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen