Nieuws

NHG-Standaard: Kinderen met Koorts

Gepubliceerd
10 maart 2001

In de NHG-Standaard Kinderen met Koorts wordt aangegeven dat ‘… bij kinderen die regelmatig (meer dan twee) koortsconvulsies hebben doorgemaakt de huisarts bij het optreden van koorts ter profylaxe diazepam per os kan geven (0,5mg/kg/keer met als maximum 1 mg/kg/dag).’ 1 Hierbij wordt in de noot terecht aangegeven dat het middel voor een goed effect, tijdig moet worden toegediend en dat het risico op maskerende effecten onderkend moet worden. 2 Wat echter niet aan de orde komt, is dat uit een meta-analyse 3 blijkt dat intermitterende toediening van diazepam het risico op koortsconvulsies niet significant deed verminderen OR 0,8 (95%-BI 0,5-1,2). Deze voor ouders en artsen moeilijke therapie met zijn maskerende effecten (sufheid/prikkelbaarheid en ataxie) die bij orale toediening in 30 procent en bij rectale toediening in 65 procent van de gevallen optreedt, 2 geeft dus geen significante vermindering van het risico op koortsconvulsies. Wij menen dat deze aanvulling op de standaard essentieel is. Gelet op het bovenstaande kan het gegeven advies ons inziens zelfs achterwege gelaten worden.

Namens de huisartsen in opleiding september 2000-3 Rotterdam Astrid van Slobbe, haio MPH

Naschrift

Medicamenteuze profylaxe van recidiverende koortsconvulsies bij kinderen blijkt in de praktijk niet goed mogelijk, omdat een koortsconvulsie vaak het eerste teken is dat het kind een koortsende ziekte heeft. 1 Indien geruststelling van de ouders nodig lijkt, geeft de standaard een advies over de mogelijkheid bij een recidief een langer durende koortsconvulsie te couperen met diazepam per rectiole. Alleen voor kinderen die regelmatig – in de standaard gedefinieerd als meer dan twee maal – een koortsconvulsie hebben gehad, noemt de standaard de mogelijkheid diazepam per os te geven ter profylaxe. Circa 30 procent van de kinderen met een eerste koortsconvulsie krijgt nog tweemaal een recidief koortsconvulsie bij een nieuwe koortsepisode. Bij deze groep kinderen kan de huisarts dus overwegen de ouders te adviseren bij koortsepisodes diazepam ter profylaxe te geven. Nodig is dit niet omdat de lange termijn prognose van kinderen met koortsconvulsies niet verschilt van die van kinderen zonder koortsconvulsies. 2 De in het proefschrift van Stuyvenberg genoemde meta-analyse bespreekt de studies naar de verschillende mogelijkheden van preventie bij koortsconvulsies. 3,4 Deze meta-analyse concludeert op basis van drie placebogecontroleerde studies dat diazepam als medicamenteuze anticonvulsieve behandeling niet effectief is en bijwerkingen heeft. Het advies van de standaard om bij kinderen met een hoog risico op recidiverende koortsconvulsies eventueel diazepam per os te geven, zodra de ouders merken dat het kind koorts heeft, is gebaseerd op een van de geanalyseerde studies. 5 In deze studie werd met behandeling bij een subgroep, namelijk de kinderen met een hoog risico, globaal de helft van de koortsconvulsies voorkomen. Bij een laag risico was behandeling niet effectief. Bij de beide andere studies is deze subgroep niet apart geanalyseerd. De werkgroep heeft op basis van het aangetoonde effect bij de genoemde subgroep er voor gekozen in de standaard het genoemde advies als mogelijkheid te noemen. Het bewijs is niet hard, daar hebben de critici gelijk in, er ligt slechts één goed opgezette studie aan ten grondslag en bij pooling van de resultaten van meerdere studies bij hoog- en laagrisico kinderen is het effect niet meer aantoonbaar. Een tweede overweging van de werkgroep is geweest dat de huisarts in sommige situaties behoefte kan hebben de ouders een medicamenteus advies te geven. J.R. van der Laan

Literatuur

  • 1.Boomsma LJ, Van der Meulen P, Uitewaal PJM, et al. NHG-Standaard Kinderen met Koorts. In: Geijer RMM, et al, redactie. NHG-Standaarden voor huisartsen. Utrecht: NHG, 1999.
  • 2.Brouwer OF, Kamphuis BJ, Begeer JH. Koortsconvulsies: prognose en behandeling. Ned Tijdschr Geneeskd 1996:140;1801-3.
  • 3.Van Stuyvenberg M. Febrile seizures. Clinical and genetic studies [Dissertatie]. Rotterdam: Erasmus Universiteit Rotterdam, 1998.

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen