Praktijk

Werken is gezond!

Gepubliceerd
10 juni 2007

Samenvatting

Werk is belangrijk voor volwassen mensen: het geeft hun leven structuur en zin. Onderzoek toont aan dat werkende mensen gezonder zijn dan niet-werkende. En wie ondanks gezondheidsklachten toch gaat werken, vóélt zich ook vaak beter; dat geldt ook voor psychische aandoeningen. Het kan dan ook veel opleveren om ‘werk als gezondheidsfactor’ te laten meewegen. Consultatie van een bedrijfsarts heeft daarbij zijn nut bewezen in enkele pilots.

Samenwerking in pilots

Huisartsen leggen veelal geen verband tussen klachten en het werk, waar deze link voor de bedrijfsarts juist voor de hand liggend is. Opdat beide partijen beter de weg naar elkaar zouden leren vinden, is in de loop van 2006 onderzoek verricht naar proces en uitkomsten van zeven pilots waarin een bedrijfsarts als ‘extra voorziening’ gedurende een of meer dagdelen per week werkzaam was in een eerstelijns gezondheidscentrum.1 De huisartsen verwezen de patiënt naar de bedrijfsarts als de klacht of aandoening naar hun mening een mogelijke relatie met het werk had. Bovendien was de bedrijfsarts beschikbaar voor ad hoc vragen of overleg. De betrokken huisartsen en bedrijfsartsen bouwden over en weer veel waardering op voor elkaars inbreng en er ontstond een goede, informele samenwerking. Ook de verwezen patiënten waren tevreden over deze vorm van zorg én over de begeleiding van de huisarts en de bedrijfsarts. De meerwaarde van de bedrijfsartsgeneeskundige inbreng bleek bijvoorbeeld uit onderstaande (waargebeurde) casussen.

Jeukende handen

Bernadette Bloemers, 18 jaar, komt op het spreekuur omdat ze sinds twee weken op beide handen een rode, schilferende uitslag heeft met kleine blaasjes. ‘Ik word gek van de jeuk, dokter!’, meldt ze gefrustreerd. De huisarts heeft de diagnose snel gesteld: eczeem. Ze schrijft een receptje voor klasse-1-corticosteroïden uit en vraagt Bernadette na een week terug te komen. Dan blijken de klachten niet voldoende te zijn afgenomen, dus vraagt de huisarts wat verder door. Ook het werk komt nu aan de orde; Bernadette blijkt sinds een paar maanden leerling-kapster. Consultatie van de bedrijfsarts in het gezondheidscentrum volgt. Omdat eczeem aan de handen erg vaak voorkomt bij kappers, verwijst deze Bernadette door naar een ‘kapperspoli’. Daar onderzoeken ze of er misschien sprake is van een allergie. In een enkel geval zal het zelfs noodzakelijk zijn een ander beroep te kiezen. ‘Maar dat hoop ik toch niet!’, verzucht Bernadette. De huisarts was blij met de inbreng van de bedrijfsarts; ze was zelf niet op de hoogte van het bestaan van zo’n kapperspoli.

Slapeloze nachten

André Abels, 55 jaar, komt zijn huisarts vragen om slaapmedicatie: ‘Ik doe al weken geen oog dicht, dokter! Als dat zo doorgaat meld ik me ziek.’ Abels heeft genoeg zorgen die hem uit zijn slaap kunnen houden: zijn echtgenote heeft borstkanker en hij heeft ook nog problemen op zijn werk. De huisarts ziet dan ook een sombere man voor zich en bespeurt tekenen van een burn-out. Ze vraagt Abels hoe het nu met de ziekte van zijn vrouw is en hoeveel zorgen hij zich daarover maakt. En ook de problemen op het werk komen vluchtig ter sprake. De huisarts schrijft een klein aantal tabletten temazepam voor. Normaliter zou ze Abels adviseren om een afspraak te maken met het AMW en hem na twee weken laten terugkomen, maar nu verwijst ze hem naar de bedrijfsarts in het gezondheidscentrum. Deze bespreekt de problemen op het werk en de mogelijkheden om daar iets aan te doen. Ook komt ter sprake dat Abels zorgverlof kan afspreken met zijn werkgever zodat hij er vaker voor zijn vrouw kan zijn. Nu Abels weet wat hij op dat gebied kan regelen, geeft dat hem toch wat lucht. De week daarop kaart hij de problemen op het werk aan bij zijn baas en slaagt hij erin enkele afspraken te maken die voor wat rust thuis zorgen. Een ziekmelding komt er niet meer van en ook is een herhalingsrecept voor de slaapmedicatie niet nodig.

De weg naar elkaar

Al met al waren de ervaringen in de pilots positief. De betrokken huisartsen gaven aan zich nu meer bewust te zijn van de relatie tussen werk en gezondheid, en hadden waardering voor de invalshoek van de bedrijfsartsen. Overigens bleek de inbreng en deskundigheid van de bedrijfsartsen niet alleen meerwaarde te bieden voor mensen met betaald werk, maar ook voor bijvoorbeeld vrijwilligers en studenten. Het NHG en de Nederlandse Vereniging voor Arbeids- en Bedrijfsgeneeskunde onderkennen al langer het belang van een goede samenwerking tussen huisartsen en bedrijfsartsen. Er zijn dan ook al enkele gezamenlijke producten ontwikkeld, te weten de Landelijke Eerstelijns Samenwerkings Afspraak Overspanning, een Programma voor Individuele Nascholing Surmenage en patiëntenvoorlichtingsmateriaal. Aan de samenwerking tussen beide verenigingen zullen in de nabije toekomst zeker nog meer producten ontspruiten!

Hilde de Jong, huisarts/wetenschappelijk medewerker NHG, Noks Nauta, bedrijfsarts/psycholoog NVAB, en Marijke Nelissen, huisarts

Literatuur

  • 1.1. Zie ook: Stalenhoef A. Samenwerking huisartsen en bedrijfsartsen: Werk heeft invloed op het welzijn van mensen. Huisarts Wet 2005;48(13):nhg-146/7.

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen