Praktijk

Geneeskunde en getallen: geen goed duo

Gepubliceerd
3 november 2016
Huisartsengeneeskunde is geen exacte wetenschap. We leggen wel van alles vast in maat en getal, maar laten ons handelen toch vooral bepalen door gesprekken met patiënten, afspraken met collega’s, eigenbelang en contracten met verzekeraars. Daarnaast zijn veel metingen onbetrouwbaar en zijn ziektedefinities geen onwrikbare gegevens: bij 80% van mijn consulten is er geen sprake van een bekende lichamelijke ziekte. Nu zijn al die vaagheden in de dagelijkse praktijk best te hanteren, maar voor wie het geneeskundig proces wil beheersen is dat een harde dobber: beleidsmakers, wetenschappers en financiers lukt het maar niet het geneeskundig handelen te richten en te kaderen. Als ze inzetten op meer en beter meten komen ze bedrogen uit.
De diagnose “myocardinfarct” is gaan berusten in troponinebepalingen: de planning van het aantal CCU-bedden blijkt dan te veranderen. Borstkanker wordt in een steeds vroeger stadium ontdekt: chirurgen, oncologen en farmaceuten publiceren trots de verbetering in prognose maar moeten dan ook hun capaciteit uitbreiden. Sinds het op de markt komen van SSRI’s is het aantal depressies enorm gestegen.
Ook de dokters zelf komen in de spreekkamer niet verder met hun gemeet: de risicotabel voor het cardiovasculair risicomanagement lijkt de kansen op hart- en vaatziekten exact te kunnen weergeven, maar belangrijke factoren als etniciteit, stress en voeding zijn er onvoldoende in verdisconteerd. De behandeldrempel die vervolgens gebruikt wordt is gebaseerd op niet exacte overwegingen als “ongewenste medicalisering”, “werkbaarheid” en “financiële haalbaarheid”. Bloeddrukmetingen in de spreekkamer zijn berucht onbetrouwbaar. De mooie plaatjes en exacte getallen die we terugkrijgen als we een botdichtheidsmeting laten doen voorspellen de kans dat we met onze adviezen en medicijnen een patiënt kunnen helpen een botbreuk te voorkómen bijzonder slecht. Meestal worden klinische beslissingen voor COPD-patiënten niet beïnvloed door alle cijfertjes die een spirometrie oplevert. We scoren wat af met de 4DKL, MRC, CCQ, MMSE, SIMMS, et cetera, maar zouden die scores nu écht meer inzicht geven in het lijden van onze patiënt dan een goed gesprek?
Maat en getal: ze passen niet in het consult.
Ferdinand Schreuder

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen