Nieuws

Grote interdoktervariatie bij overbodige diagnostiek

Gepubliceerd
2 juni 2020
Kijkend naar de aanbevelingen in NHG-Standaarden doen Nederlandse huisartsen nog te veel overbodige diagnostische handelingen. Ook op dit gebied bestaat er een grote interdoktervariatie. Veruit de meeste huisartsen houden zich aan de richtlijnen, maar een kleine groep is verantwoordelijk voor een groot aantal overbodige diagnostische handelingen.
1 reactie

De onderzoekers bekeken in een cross-sectioneel onderzoek, met behulp van declaratiegegevens van de zorgverzekeraar, hoe vaak bepaalde zorg voorkomt terwijl dit in de richtlijn niet wordt aangeraden. Zij vonden alleen voldoende data op het gebied van het aanvragen van aanvullende diagnostiek bij lagerugklachten. Nederlandse huisartsen vragen in vergelijking met andere westerse landen zelden een röntgenfoto aan. In 2016 vroegen 13.649 huisartsen 38.383 röntgenfoto’s van de lumbale wervelkolom aan, gemiddeld dus 2,8 per huisarts per jaar. De praktijkvariatie is echter groot: 8% van de Nederlandse huisartsen vraagt per week minstens 1 röntgenfoto van de lumbale wervelkolom aan.

De uitdaging is om allerlei overbodige (diagnostische) handelingen te verminderen, ook al willen sommige patiënten misschien graag diagnostische onderzoeken. De huisartsopleiding en het NHG kunnen huisartsen stimuleren deze onderzoeken niet meer aan te vragen. Relevante NHG-Standaarden en de LESA Rationeel aanvragen van laboratoriumdiagnostiek vormen daarvoor een onmisbare onderbouwing. Het Diagnostisch Toetsoverleg kan huisartsen helpen patiënten duidelijk maken dat overbodige diagnostiek niet nodig is.

Literatuur

  • Kool RB, et al. Assessing volume and variation of low-value care practices in the Netherlands. Eur J Public Health 2020;30(2):236-40.

Reacties (1)

Ton Zwaard 2 juni 2020

Het is jammer dat tegenwoordige onderzoekers weinig historisch besef hebben. Het besproken onderzoek dat is gebaseerd op declaratiegegevens van een zorgverzekeraar doet me sterk denken aan de dissertatie van Mokkink uit 1986. Ook op basis van ziekenfondsgegevens werd een belangrijke interdokter variatie gevonden bij verwijzingen en voorschrijfgedrag waarbij persoonskenmerken van huisartsen een belangrijke verklarende factor bleken te zijn. Het is een omissie dat dit proefschrift niet in de literatuurlijst voorkomt en het huidige onderzoek over interdokter variatie zou meer moeten focussen op persoonskenmerken van de huisarts. Maar iedere ervaren huisarts ziet dagelijks om zich heen dat de interdokter variatie een dagelijkse realiteit is.

(Ziekenfondscijfers als parameter voor het handelen van huisartsen (Dissertatie). Mokkink HGA. Nijmegen: Katholieke Universiteit Nijmegen, 1986).

Verder lezen