Praktijk

Herman Linzel over gezondheidscentrum Archipel: ‘Dit is de zorgverlening van de toekomst’

Gepubliceerd
10 oktober 2004

In het augustusnummer van In de praktijk was een interview opgenomen met Loek Tielemans, als huisarts verbonden aan Gezondheidscentrum Archipel te Almere. Tielemans had namelijk een delegatie buitenlandse WONCA-deelnemers ontvangen, die erg onder de indruk bleken van de bijzondere opzet van het centrum, en dan met name van de ‘huisartsenbedden’. Het gezondheidscentrum draait nu zo'n zes jaar, dus inmiddels is zichtbaar of de ideeën erachter ook vruchten afwerpen. Alle reden voor In de praktijk om eens een kijkje te gaan nemen bij het dagelijks reilen en zeilen in de Archipel. In komende nummers van In de praktijk komen andere vormen van praktijkinnovatie aan bod. Gezondheidscentrum Archipel in Almere kent een heel bijzondere opzet. Niet alleen zijn er diverse vormen van eerstelijnsgezondheidszorg te vinden, zoals een apotheek en afdelingen fysiotherapie en tandheelkunde, maar ook zijn er verpleegafdelingen en een aantal zogenoemde ‘huisartsenbedden’. Zelfs een buurthuisfunctie is in het gebouw ondergebracht, en een gezellig café-restaurant waar de buurtbewoners elkaar ontmoeten. Herman Linzel vertelt in een interview wat de ideeën zijn achter de Archipel, en leidt In de praktijk langs de diverse faciliteiten.

Louter poëzie

Gezondheidscentrum Archipel bevindt zich in het ‘poëziedeel’ van de Literatuurwijk van Almere, en dat zal je weten ook. Langs wegen vernoemd naar Gorter, Roland Holst, Nijhoff en Marsman rijd je naar het midden van de wijk, waar in de Poëziestraat het gezondheidscentrum zich prominent verheft. In het gebouw zelf houdt de dichtkunst echter nog niet op: in de centrale hal hangt achter glas de eerste druk van de gedichtenbundel ‘Archipel’ van Slauerhoff te pronken. Herman Linzel, motor achter het gedachtegoed van het gezondheidscentrum, weet zelfs de eerste regels van het gedicht ‘Het boegbeeld: de ziel’ van Slauerhoff uit zijn hoofd te citeren. ‘Slauerhoff was arts, patiënt, dichter en prozaschrijver, en is dus een prima figuur om als “ons boegbeeld” te fungeren’, vertelt Linzel. ‘Ons gezondheidscentrum is opgericht in het honderdste geboortejaar van Slauerhoff, en bovendien was het 75 jaar geleden dat zijn debuutbundel ‘Archipel’ werd gepubliceerd. We vieren hier in het centrum dan ook elk jaar op 14 september zijn verjaardag. Almere heeft nog geen culturele tradities; alle reden dus om die zelf te creëren.’

Dit is mijn lot: gebeeldhouwd voor den boeg, Het schip achter mij te moeten volgen: Mijn zegetocht over knielende golven, Aan ’t schip te moeten danken dat mij droeg’

(Eerste regels van ‘Het boegbeeld: de ziel’ uit Slauerhoff J. Archipel.)

Ideeën uit Scandinavië

Niets lijkt aan het toeval te zijn overgelaten in de Archipel, en daar is Linzel dan ook de man niet naar. ‘Het idee voor een gezondheidscentrum in deze vorm ontstond in 1986. Eind jaren '70 was ik verpleeghuisarts en ik zag dat patiënten die permanente zorg nodig hadden, volkomen uit hun sociale structuur werden weggerukt. Maar als huisarts wil je toch liefst zelf de continuïteit van zorg blijven leveren, en als het kan je patiënten begeleiden tot aan hun dood. Ik had in Scandinavische landen gezien hoe de zorg voor ouderen daar was georganiseerd. Mede door de geografische afstanden komen centra als deze daar al veel langer voor.’ Linzel volgde dus een studie Beleid en Organisatie in de gezondheidszorg en toen de Literatuurwijk gebouwd werd, zocht hij medestanders die met hem wilden samenwerken. ‘Dat was gemakkelijk. Huisartsen en andere hulpverleners willen graag in Almere werken, en het idee voor dit centrum was kennelijk ook aantrekkelijk.’

Zorg van A tot Z

Door de Nederlandse regelgeving ontstond flink wat vertraging, maar met veel creativiteit, geduld en doorzettingsvermogen werden alle spreekwoordelijke hobbels genomen. Eind 2003 gingen de deuren dan toch eindelijk open van de rest van het centrum. Momenteel werken er zo'n 140 mensen, die zorgen voor gezondheid en welzijn van circa tienduizend wijkbewoners. Er zijn zes huisartsen, een verpleeghuisarts, een apotheker, en een fysiotherapeut. Ook logopedie, maatschappelijk werk, thuiszorg, en noem maar op, hebben hun plaats in de Archipel. Binnenkort komt een jeugdarts in dienst, die de zorg voor de jongeren van nul tot negentien jaar op zich gaat nemen. Verder zijn er 19 appartementen voor somatische verpleeghuiszorg, 17 verzorgingshuisplaatsen, 36 kamers voor psychogeriatrie en 6 ‘huisartsenbedden’ waarbij tevens een hospicefunctie is ondergebracht. Boven het gezondheidcentrum bevinden zich twee woonlagen met appartementen voor mensen die permanent extra zorg of begeleiding nodig hebben. En tegenover de Archipel is een complex met 180 seniorenwoningen. De bewoners daarvan wonen geheel zelfstandig, maar in de woningen zijn voorzieningen getroffen voor elektronische verbinding met de Archipel. ‘Zo kan, indien nodig, van hieruit iemand geheel worden bewaakt. Als zo'n bewoner 's nachts naar het toilet moet, en wij weten dat daar vier minuten voor staat, dan gaat hier een alarm af als iemand na die tijd nog niet terug is. We bellen dan op, en als we geen antwoord krijgen, kunnen we met behulp van een moedersleutel de appartementen binnen.’ Hoewel alle bedden zo goed als permanent bezet zijn, is er toch nauwelijks wachtlijstproblematiek. ‘Het verpleeghuisdeel kent wel een wachtlijst, maar die is heel kort. Bovendien kunnen we altijd wel wat schuiven als het moet. De zes woningen voor psychogeriatrische patiënten hebben allemaal een logeerkamer, dus wanneer het echt nodig is, kunnen we daar iemand tijdelijk onderbrengen.’

Stad zonder samenhang

De Archipel ziet zijn taak echter veel breder dan alleen het leveren van gezondheidszorg. Linzel: ‘Almere is een unieke stad, waar elke samenhang van oudsher ontbreekt. De ontkerkelijking is nergens zo groot als hier, de politieke betrokkenheid is ongekend laag en er is geen enkele sociale inbedding. Het is dus van groot belang om alsnog samenhang te creëren en de betrokkenheid van de bewoners met elkaar te vergroten. Zeker gezien de toenemende vergrijzing en het korten op de kosten van de gezondheidszorg zul je ervoor moeten zorgen dat er een vorm van spontane mantelzorg ontstaat. Dat bereik je niet als mensen hun buren niet of nauwelijks kennen. Ze moeten iets voor elkaar willen overhebben.’ Dus zoekt de Archipel de wijkbewoners van jong tot oud op. ‘We hebben bijvoorbeeld een structureel overleg met de scholen om te bespreken welke problemen er zijn en hoe we die kunnen oplossen. Daar wordt ook de wijkagent bij betrokken, want die ziet weer of er bijvoorbeeld overlast is door hangjongeren en wat we daaraan kunnen doen. Maar ook in positieve zin heeft het overleg veel nut. We willen de jeugd waar mogelijk betrekken bij de activiteiten in de buurt. Zo hebben we voor de opening leerlingen van groep acht hier 24 uur in huis gehad. We lieten ze alles uitproberen en kleine zorgtaken verrichten, zodat ze weten waar het om gaat. En ook worden hier nu schooltuinen gemaakt, omdat wij geen geld hebben voor een tuinman en het onkruid op sommige plekken inmiddels flink hoog staat. Op die manier ontmoeten jong en oud elkaar hier en dat is goed voor alle partijen.’

Buurthuis en ontmoetingsplaats

De Archipel biedt talloze mogelijkheden voor de wijkbewoners om elkaar te ontmoeten. In café-restaurant de Ziel kan zowel à la carte als een ‘snel menu’ worden gegeten. De vaste bewoners van de Archipel kunnen hier bovendien in een gezellige omgeving hun familieleden ontvangen, en daarvan wordt dankbaar gebruikgemaakt. Er worden in het restaurant zelfs bruiloften gehouden. Aanvankelijk was de Ziel alleen open op vrijdag, zaterdag en zondag, maar omdat het restaurant elke avond was volgeboekt, gaat het nu de hele week open. ‘Dat is een goede zaak’, vertelt Linzel, ‘want uit de opbrengsten van het restaurant kunnen weer andere activiteiten worden bekostigd. Of we kunnen eens een gratis kopje koffie schenken bij een cursus of een buurtevenement.’ Andere activiteiten zijn er ook al te over. In het gezondheidscentrum is van alles te vinden, van kapsalon tot wasserette. Alle activiteiten voor 55-plussers zijn hier ondergebracht. En de buurtbewoners kunnen er terecht om te biljarten, te internetten, te leren schilderen of te linedancen. Ook zijn er geregeld literaire avonden. ‘Nee, niet alleen over Slauerhoff’, glimlacht Linzel.

Weet van de wijk

Regelmatig zijn er binnen de Archipel ‘hometeam’-besprekingen. Huisartsen, maatschappelijk werk, ouder- en kindzorg en thuiszorg komen dan bijeen om patiënten met meervoudige problematiek te bespreken. ‘Daarbij kunnen ook leerkrachten of de wijkagent aanschuiven wanneer zij met ons en bewoners een probleem willen bespreken. Zo ontstaat vaak een goed beeld van wat er gaande is in de wijk. Je krijgt soms zicht op problemen waarvan je helemaal niet wist dat ze bestonden. Hier in Almere hebben we bijvoorbeeld een groot aantal tweeverdieners, simpelweg omdat mensen zich anders hun woning niet kunnen permitteren. Tijdens de schoolvakanties kunnen zich dan vele problemen voordoen. Er zijn ouders die hun kinderen een creditcard geven waarmee die zich maar moeten zien te vermaken tijdens de vakantie. Die kinderen worden dan weer erg interessant voor andere kinderen, die niet altijd de beste bedoelingen hebben.’

Het werkt!

Gevraagd naar succesverhalen wordt de trots van Linzel zichtbaar. ‘De betrokkenheid van de wijkbewoners met elkaar wordt echt groter. Je ziet dat mensen elkaar gaan helpen. In de wijk woont bijvoorbeeld een vrouw die wat vergeetachtig wordt, en haar buren nemen haar elke week mee uit eten hier in het restaurant. Dat was al heel mooi, maar nu gingen die buren een paar dagen naar Parijs en namen ze de vrouw mee. Dat is wel heel bijzonder om te zien.’ Ook het betrekken van de jeugd bij de ideeën van de Archipel is een succes. ‘We hielden een ballonnenwedstrijd voor de kinderen van de lagere school. Vijftienhonderd ballonnen kleurden de lucht en dat was een prachtig gezicht voor onze bewoners. Andersom hebben we onze ouderen naar de jeugd gebracht. We hebben ze op de lagere school laten vertellen hoe het er in hun tijd aan toeging in de klas en wat voor kattenkwaad ze uithaalden. Een vrouw vertelde hoe 's winters de kachel in de klas werd opgestookt, en een van de kinderen vroeg: “Wat is een kachel?” Hier kennen ze alleen de radiatoren van de stadsverwarming. En we hadden een afatische patiënte die vlekkeloos ‘poessie mauw’ begon mee te zingen. Dat zijn hartverwarmende momenten.’

Toekomst van de huisarts

De ideeën achter de Archipel beginnen langzaam maar zeker ook elders in het land navolging te krijgen. Linzel: ‘Ik ben betrokken geweest bij de opzet van een soortgelijk centrum in Zwolle, zij het dat ze het daar zonder verpleeghuis- en huisartsenbedden doen. Ook elders in het land heeft men veel belangstelling en de politiek is hier al diverse malen een kijkje komen nemen. Ik denk ook dat deze vorm van zorgverlening de toekomst heeft. Die knop moet om bij de beroepsgroep. Als wij als huisartsen een centrale rol willen spelen in de zorg voor onze patiënten, dan is dit bij uitstek de vorm die daarvoor geschikt is. Huisartsen moeten goed op hun tellen passen gezien de huidige ontwikkelingen. Hun betrokkenheid bij de opbouw van de samenleving kan een antwoord vormen op de toenemende individualisering en vergrijzing.’ (AS)

De belangrijkste leerpunten:

  • Welzijn en zorg zijn goed met elkaar te integreren met heel bevredigende resultaten.
  • De zogenoemde ‘huisartsenbedden’ voorzien in een behoefte, evenals de hierbij ondergebrachte hospice-functie.
  • Door de bewoners zoveel mogelijk bij het centrum te betrekken, wordt het ontstaan van ‘spontane mantelzorg’ gestimuleerd.
  • ‘Hometeam-besprekingen’ geven een goed beeld van wat er gaande is in de wijk.
  • Doordat er zoveel aandacht is voor de sociale functie van het centrum, is de sfeer er uitstekend en de toegang zeer laagdrempelig.
  • Het betrekken van de jeugd bij vele activiteiten is goed voor jong en oud.
  • Zogeheten ‘domotica’ (elektronische voorzieningen waardoor de ‘bewaking’ van patiënten vanuit het centrum kan plaatsvinden) zorgen ervoor dat mensen langer zelfstandig kunnen blijven wonen.

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen