Praktijk

Kennistoets: vragen

Gepubliceerd
9 juli 2013
Mevrouw Sandberg, 27 jaar, is drie dagen geleden bevallen van een gezonde zoon. Haar echtgenoot belt zondagochtend namens haar de huisartsenpost, omdat zijn vrouw zich minder fit voelt en koorts heeft (38,5°C). De dienstdoende huisarts gaat op huisbezoek. Mevrouw Sandberg blijkt flink te vloeien en de lochia ruiken vies. De huisarts stelt de diagnose endometritis en schrijft amoxicilline 3 dd 500 mg voor in combinatie met metronidazol 3 dd 500 mg, beide gedurende zeven dagen. De huisarts spreekt af dat morgen de eigen huisarts bij mevrouw Sandberg langskomt voor controle.
1.Metronidazol is in dit geval geïndiceerd.
2.Een controle na 24 uur is in dit geval geïndiceerd.
Mevrouw Sandberg vraagt of zij de borstvoeding moet staken.
3.Borstvoeding mag bij deze combinatie van medicatie doorgegeven worden.
Bij mevrouw Overmars, 64 jaar, is osteoporose geconstateerd aan de hand van onderzoek naar aanleiding van een recente heupfractuur. Zij wil nu graag meer weten over behandeling met bisfosfonaten. De huisarts zegt dat door deze medicijnen de botdichtheid toeneemt, waardoor de kans op het krijgen van een (nieuwe) fractuur vermindert. Mevrouw Overmars voelt er wel wat voor. De huisarts geeft een recept mee voor een combinatietherapie van alendroninezuur en calciumcarbonaat in adequate dosering. De huisarts adviseert om alendroninezuur (1) op een volle maag in te nemen, bijvoorbeeld een half uur na het ontbijt.
4.Alendroninezuur/calciumcarbonaat is het bisfosfonaat van eerste keus.
5.Het advies na 1 is correct.
De heer Ramdani, een adipeuze man van 57 jaar, komt bij de huisarts met klachten van moeheid, hoesten en kortademigheid. Bij onderzoek vindt de huisarts een bloeddruk van 150/80 mmHg, en een regulaire pols van 92 slagen/min. Over de longen hoort hij beiderzijds basaal weghoestbare crepitaties en een verlengd expirium. De huisarts overweegt bij de heer Ramdani de diagnose hartfalen en laat aanvullend onderzoek verrichten. Het ECG is niet afwijkend. De spiegel natriuretisch peptide (BNP) is niet verhoogd en de thoraxfoto laat geen afwijkingen zien. Op basis van deze gegevens acht de huisarts de diagnose hartfalen erg onwaarschijnlijk. Deze conclusie is gerechtvaardigd op basis van:
6.De normale X-thorax;
7.Het normale ECG;
8.De normale spiegel natriuretisch peptide (BNP).
Op het telefonisch spreekuur belt de vader van Tom, een jongen van 8 jaar. Hij is geschrokken, want Tom had vanochtend een 15 cm lange witte worm bij zijn ontlasting. Na verdere heteroanamnese stelt de huisarts vast dat het hier waarschijnlijk om een spoelworminfectie gaat. Ze zegt dat ze een recept mebendazol zal geven voor Tom, in de dosering 100 mg ineens en na 14 dagen opnieuw 100 mg ineens, zo nodig iedere 14 dagen herhalen.
9.Mebendazol is in dit geval het middel van voorkeur.
10.De voorgeschreven dosering is bij spoelwormen correct.
De antwoorden staan op pagina 364.

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Verder lezen