Nieuws

Ondansetron voor kinderen met gastro-enteritis

Gepubliceerd
2 december 2019
Gastro-enteritis komt bij kinderen vaak voor. Soms is opname nodig voor rehydratie. Oraal ondansetron kan opnames voorkomen bij gezonde kinderen vanaf zes maanden, maar de huidige richtlijnen raden dit af. Actuele literatuur laat echter zien dat een eenmalige orale dosis ondansetron, gegeven door de huisarts, bij deze kinderen een goede overweging kan zijn.
1 reactie
Ondansetron
Ondansetron lijkt zinvol bij kinderen met gastro-enteritis, braken en bij wie orale rehydratie faalt.
© iStock

Kinderartsen geven tegenwoordig ondansetron, een serotoninereceptorantagonist, aan kinderen om opnames te voorkomen.1 De NHG-richtlijnen raden anti-emetica bij kinderen af.23 Wij onderzochten of oraal ondansetron braken en opnames voor rehydratie verminderen bij kinderen met gastro-enteritis in vergelijking met placebo.

Zoekstructuur en resultaten

We zochten in de Cochrane library, nationale en Europese richtlijnen. Een PubMed-search (oktober 2018) met de zoektermen “gastroenteritis”, “ondansetron” en “antiemetics” leverde 99 hits na januari 2010 op. We selecteerden Nederlandse of Engelstalige richtlijnen, meta-analyses, systematische reviews en RCT’s over kinderen met gastro-enteritis die ondansetron kregen. We includeerden een cochranereview, twee richtlijnen, een meta-analyse en twee RCT’s, alle van gemiddelde tot goede kwaliteit.345678 We vonden geen onderzoeken die werden uitgevoerd in de eerste lijn.

Opnames voor rehydratie Er waren minder opnames bij kinderen die ondansetron kregen dan bij kinderen die placebo kregen: relatief risico (RR) respectievelijk 0,40 (95%-BI 0,19 tot 0,83) en 0,46 (95%-BI 0,21 tot 1,00), verhouding 3/40 (7,5%) versus 8/41 (20%).468 Het eerste onderzoek toonde een significant verschil, de andere twee onderzoeken beschreven dit niet. Bij de tweede RCT was er geen verschil in aantal opnames 6 uur na presentatie: RR 0,50 (95%-BI 0,20 tot 1,2).7 Er waren geen verschillen in heropnames 72 uur na presentatie: RR 1,12 (95%-BI 0,69 tot 1,82) en RR 0,84 (95-%BI 0,32 tot 2,18).67

Braken In drie onderzoeken hadden kinderen na ondansetrongebruik significant minder episodes van braken: respectievelijk RR 1,33 (95%-BI 1,19 tot 1,49), RR 1,49 (95%-BI 1,17 tot 1,89) en RR 0,41 (95%-BI 0,23 tot 0,71).467 Eén onderzoek vond geen verschil (mediaan nul episodes in beide groepen).8

Diarree De RCT’s beschreven, hoewel niet significant, minder episodes diarree in de ondansetrongroepen: RR 1,64 (95%-BI 0,88 tot 3,04) en p = 0,063; mediaan (IQR) 1,0 ± 5,0 versus 3,5 ± 9,0.78 De andere onderzoeken beschreven tegenstrijdige resultaten.46

Intraveneuze rehydratie Bij drie onderzoeken werd in de ondansetrongroepen significant minder vaak intraveneuze rehydratie toegediend: RR 0,57 (95%-BI 0,42 tot 0,76), RR 0,45 (95%-BI 0,31 tot 0,63) en RR 0,41 (95%-BI 0,20 tot 0,83).47

Orale rehydratie Bij twee onderzoeken werd orale rehydratie significant eerder herstart in de ondansetrongroepen: RR 0,50 (95%-BI 0,37 tot 0,69) en RR 0,71 (95%-BI 0,60 tot 0,86).67

Alle onderzoeken beschreven milde, expliciet niet-cardiale, bijwerkingen bij een kleine groep kinderen. Twee richtlijnen gaven aan dat er geen indicatie was voor anti-emetica gezien de ernstige cardiale bijwerkingen, hoewel deze vooral optreden bij hoge intraveneuze doseringen.359

De RCT’s zijn uitgevoerd op West-Europese SEH’s, de systematische reviews behelzen voornamelijk Amerikaanse onderzoeken. Deze populaties zijn vermoedelijk vergelijkbaar met de Nederlandse populatie. De resultaten van een Nederlands, eerstelijnsonderzoek naar ondansetron bij kinderen met gastro-enteritis worden binnenkort verwacht.11

Conclusie en aanbevelingen

Op basis van de geïncludeerde onderzoeken lijkt ondansetron zinvol bij kinderen die gastro-enteritis hebben, braken en bij wie orale rehydratie faalt. De bijwerkingen in deze onderzoeken waren mild en niet-cardiaal. Het Lareb, Farmacotherapeutisch Kompas en Kinderformularium adviseren ondansetron niet te gebruiken bij patiënten met lang QT-syndroom. De FDA waarschuwt voor hoge intraveneuze doseringen.9

De huisarts kan, na beoordeling van het kind, eenmalig oraal ondansetron overwegen bij gezonde kinderen vanaf zes maanden die geen alarmsymptomen vertonen en bij wie orale rehydratie niet lukt door braken. Het is belangrijk dat dit geen ‘stand alone’-interventie is. De kinderen moeten worden herbeoordeeld, en zo nodig toch worden verwezen. Om discussie te voorkomen lijkt het ons nuttig de richtlijnen aan te passen en transmurale afspraken te maken.

Dit is een CAT, critically appraised topic, waarbij de auteur een evidencebased antwoord op een praktijkvraag wil krijgen. Bij de uitreiking van de Jan van Es-prijs op de NHG-Wetenschapsdag 2019 won deze CAT de publieksprijs voor beste performance.

Petrus NCM, de Vries SG. Ondansetron voor gastro-enteritis bij kinderen. Huisarts Wet 2019;62:DOI: 10.1007/s12445-019-0365-7.
Mogelijke belangenverstrengeling: niets aangegeven.

Literatuur

Reacties (1)

Froukje Boukes 7 december 2019

Ik verbaas me al enige tijd over het steeds grotere gemak waarmee ondansetron uit de pen van dokters vloeit.  Voorheen gaven we domperidon, maar dat mag niet meer vanwege kans op ernstige bijwerkingen. Waarom zijn we daar niet bang voor bij ondansetron? Kinderartsen die ik ernaar vraag zeggen: ‘Wij zien er nooit problemen mee’. Ook in dit artikel staat: ‘de bijwerkingen waren mild’. Dit geeft geen garantie dat die ernstige bijwerkingen er niet zijn. Hoe de vergelijking met domperidon uiteindelijk uit gaat vallen weten we niet. Het advies zich te beperken tot een eenmalige dosering bij de huisarts is op zich verstandig. Helaas zie ik kinderen bij de kinderarts vandaan komen met een doseer advies van meerdere malen daags, en ik verwacht dat dat helaas de alledaagse praktijk gaat worden. Of eigenlijk: dat is het al.

Verder lezen